Tweede team bedwingt koploper

Leslie Tjoo ‘op het tandvlees’ matchwinnaar

Om tien over zes, dik vijf uur na het begin van de wedstrijd, klonk er applaus in de speelzaal van Spijkenisse. Applaus voor Leslie Tjoo, die er na hardnekkig verzet in was geslaagd om remise af te dwingen en daarmee de eindstand Spijkenisse 2 – Messemaker 1847 2 op 3½ – 4½ te brengen. Goudse winst op de koploper. Dat betekent meedraaien om de hoogste plaatsen in 4G.

Gemakkelijk ging het allemaal niet. De Spijkenisser formatie, die in de eerste ronde weinig heel had gelaten van Stukkenjagers 4, had zich verder versterkt.

De gemiddelde eloratings van de twee teams ontliepen elkaar weinig en dat was goed te merken. Pas na drie uur spelen werd het eerste individuele resultaat genoteerd. Uw verslaggever, goed uit de startblokken gekomen, verslikte zich in de zetvolgorde voor een koningsaanval en had een pion moeten inleveren. Met de rug tegen de muur kon erger worden voorkomen en een remiseaanbod op het moment dat de thuisspeler nog slechts twee minuten had voor 12 zetten in een gecompliceerde stelling werd aangenomen.

In het navolgende halve uur werden vier partijen beëindigd. Leen de Jong streek trots lachend de volle winst op. Zijn positioneel superieure stelling kon worden verzilverd, toen zijn opponent zijn koning liever in het centrum hield en – dus – afzag van rochade. Dat strafte onze man gedecideerd af. Vrijwel direct daarna verdween de teamvoorsprong, toen kopman Kees Brinkers zijn meerdere moest erkennen in de sterke Desiree Hamelink. Frans Bottenberg hield de Goudse hoop levend door in een technisch lastig eindspel met ongelijk materiaal knap de weg naar de volle winst te vinden en Bernard Evengroen sloot vrede met een 2086-speler. Allesbehalve slecht, hoewel ons teamlid tevoren had aangekondigd voor de volle winst te zullen gaan. ,,In alle competities en toernooien heb ik de laatste jaren een TPR van minimaal 1900 gescoord, maar in de KNSB was het rampzalig. Dat moet veranderen,” klonk het strijdvaardig. De eerste stap naar verbetering is nu gezet.

Bij de stand 2-3 moest Wouter Schönwetter berusten in een puntendeling. In een aanvankelijk op het oog dichtgeschoven stelling slaagde hij erin om aan te vallen, maar de tegenstoot bleek levensgevaarlijk en remise door eeuwig schaak was het maximaal haalbare. Na vier uur spelen boekte ook Jeroen Eijgelaar een halfje. Daar was hij allerminst tevreden over. Klein materieel voordeel had beter uit kunnen pakken en in het studie-achtige eindspel bleek de weg naar winst niet te vinden.

Stand 3-4 met alleen Leslie Tjoo nog in actie. Zijn partij kon het predikaat ‘bijzonder en bizar’ meekrijgen. Een ridicuul openingsexperiment van de speler van Spijkenisse leek met pionwinst en verloren rochade fataal uit te pakken, maar merkwaardig genoeg bleek de zwarte stelling in het vervolg zó taai, dat Leslie met een pion achterstand werd opgescheept. Dat betekende zwoegen en zweten en de eindstreep zou ‘op het tandvlees’ worden gehaald. Na vijf uur was de partij nog de enige in de speelruimte, waar was begonnen met 26 partijen (één tiental en twee achttallen). Geen Gouwenaar vertrok. Ademloos werd de zinderende eindfase gevolgd. Leslie voerde ongewild de spanning op door in tijdnood te komen. Bovendien protesteerde zijn tegenstander tegen het niet meer noteren van de zetten, als gevolg waarvan de notatie in de beperkte resterende tijd moest worden bijgewerkt. Nagelbijtend stelden de toeschouwers vast dat op de klok van Leslie nog maar 58 seconden resteerden, maar enkele elkaar snel opvolgende zetten (steeds 30 seconden extra opleverend) brachten opluchting. Verwoed probeerde de gastspeler ijzer met handen te breken in een stelling waarin zelfs een blind paard geen schade kon aanrichten. Leslie hield zijn  hoofd erbij en haalde knap het winnende halve punt binnen.

          Henk de Kleijnen