Een spannende wedstrijd

Het was een spannende wedstrijd voor het vierde team op maandag 25 november. Wibo Bouguignon had kort van tevoren afgezegd. Onze reserve Kees van Wensveen viel voor hem in. Omdat Kees niet als ‘kanonnenvlees’ op bord twee wilde, werd er nog het nodige heen en weer geschoven. Uiteindelijk werd tegen het vierde team van Barendrecht IJsselmonde gelijkspel: 4 – 4.

Hier volgt een korte impressie door enkele teamleden in willekeurige volgorde.

Albert-Jan Wagensveld

Ik opende met koningsgambiet en kwam er niet slecht uit.  Maar net toen ik op de 26e zet dacht prachtige kansen te zien voor een vernietigende aanval, kwam zwart met een (ik moet zeggen briljant) dameoffer, waarmee hij na drie zetten via een onvermijdbare paardvork mijn dame terugnam en ik ook nog een toren achter kwam te staan (zie diagram 1).

Diagram 1: na 25…De6xh3 26.Pf3-e1.
Zwart dreigt met 26…Dh1+!

Na nog een mislukte paardvork op twee torens die mij door een tussenschaakje op een afruil van twee paarden tegen een toren kwam te staan, werd mijn achterstand erg groot. Ik zag nog een kleine kans op een promotie en haalde er de zevende lijn mee. Maar toen ook daar effectief een stokje voor werd gestoken moest ik opgeven.
Latere analyse gaf aan dat ik op de zet vóór het dameoffer een winnende combinatie had gehad met paard b6 schaak (in plaats van Pf3-e1) (zie diagram 2). Maar ja, dat was tien zetten lang schaakjes geven, want met één zet van zwart zou ik zelf mat staan.

Diagram 2

Eduard Dame

Met zwart kon ik mijn favoriete Russische opening spelen. De avond begon dus meteen al goed. Om vervolgens niet bang te zijn voor twee dubbelpionnen. Want waar deze samenwerken met de buurpionnen, ontstaan mooi vestingwerkjes. En……….. je krijgt open of halfopen lijnen. Wit vertikte het om te rokeren; de koning bleef vervolgens precies tussen de open d- en open de f-lijn bleef staan. Een dodelijke aanval kon niet uitblijven (zie diagram). Het loperoffer dat daarvoor nodig was, mocht die naam niet dragen. Het enige dat ik mij kan verwijten is dat ik mat in zes niet uitvoerde, terwijl ik het na lang nadenken wel van plan was om het vonnis zo te voltrekken. Hoe werkt het daar eigenlijk daarboven in die hersenpan? Nou ja, het bleef moeilijker om te verliezen dan om te winnen. De hand werk naar mij uitgestoken en we stonden met 4-3 voor.

Chris Kraaijeveld

Mijn tegenstander bleek een goede kenner van de opening c4-e5-Pc3  te zijn, maar daarna raakte hij het spoor bijster. Ik kwam al snel een stuk voor, daarna nog wat pionnen. Na ongeveer drie kwartier en 33e zetten was het afgelopen.

Kees Vermijn

Ik speelde met zwart tegen Roel de Hoop een Spaanse partij. Mijn tegenstander kende deze opening kennelijk niet zo goed, en na 11. b2-b4, c5xb4 kreeg ik kansen op de damevleugel.
De ontwikkeling van zijn dame-paard Pb1-d2 volgde pas op zet 28! Met 20. Dd1-c1 liet hij zijn paard op f3 in de steek, waardoor ik met Ld5xf3 zijn koningsstelling kon slopen en met de manoevre Ta8-a4,  -h4 en later Tf8-f6, -h6 kreeg ik een krachtige aanval op h3. Met een paardoffer op e2, dat hij niet mocht aannemen, omdat het anders mat in 5 zou zijn, besliste ik de partij tenslotte. Na Pe2-f4 was er geen verdediging meer mogelijk.

Eelko de Groot

Aan het zesde bord speelde ik tegen Erik Wijnbelt. Toen ik later thuis de partij in mijn schaakdatabase invoerde zag ik dat ik 3 jaar geleden ook tegen hem mocht spelen. Beide keren kwam de Owen Defence op het bord. Deze keer liet ik mijn e-pion slaan en stoomde met mijn d-pion op. Op zet 8 stond deze al op d6. Erik gaf achteraf toe dat hij deze pion beter had kunnen slaan. In de partij had hij er veel last van. Zijn witte loper waarmee hij op e4 geslagen had, bleef voor de pionnen staan. Een prachtig doelwit voor mij. In een poging deze in te sluiten kwam het uiteindelijk tot een ruil en nadat wij beiden gerokeerd hadden, hield ik een mooie stelling over:

Ploeteren tot het eind

Het was ploeteren voor het vierde team tegen Overschie. Met een gelijkspel gingen we opgelucht naar huis. Het had winst kunnen zijn, maar ook net zo goed verlies.

De avond werd door Eelko geopend. Hij zette na 27 zetten de witte koning van Cor van Lennep mat. Dit ging echter niet zonder slag of stoot. Verschillende tussenschaakjes waren nodig om te voorkomen dat zwart te veel materiaal zou verliezen. Je zou kunnen zeggen: een partij met kansen en blunders over en weer. In de partij zagen we alleen de kansen. De blunders openbaarden zich tijdens de analyse. Maar als je dan uiteindelijk de aanval van wit weet af te slaan en zelf je aanval ziet slagen dan maakt een blundertje meer of minder niet meer uit. En voor Cor? Die weet dat hij volgende keer iets beter de kansen van de tegenstander in de gaten moet houden.

Hieronder een stelling uit de partij tussen Eelko en Cor. Wit heeft net met de d-pion op c5 geslagen. Zwart gaat verder met Tae8. Deze druk wordt uiteindelijk teveel voor wit. Maar in deze stelling was Dd3+ waarschijnlijk beter geweest.

Jasper had een wandelende koning. Helaas was het zijn eigen koning. Opgejaagd door de witte stukken van Martin Schlüter was het lastig voor Jasper om uitwegen te blijven vinden. Op een gegeven moment lukt dat niet meer en Jasper moest in Martin zijn meerdere erkennen.

Minas had een fraaie combinatie die hem uiteindelijk een vork van toren en dame opleverde. Logische wijs mocht hij zijn paard tegen een toren ruilen. Later in het spel gaf zijn tegenstander, in een vlaag van schaakblindheid, zijn tweede toren weg en stond Minas pardoes een stuk voor. Da’s lekker spelen. Z’n tegenstander gaf niet lang daarna op.

Albert-Jan moest in Wil de Gids zijn meerdere erkennen. Het was voor hem een zware partij. Wil duwde hem steeds verder in de verdrukking. Wit deed gewoon betere zetten dan zwart. Van tijd tot tijd kostte dat een pion en in het eindspel stond Albert-Jan intussen drie pionnen achter. “Een hopeloze situatie”, aldus Albert-Jan na afloop. Als wanhoopsdaad zag hij nog een kleine kans om via een torenoffer een promotie te forceren. De kans van slagen was klein, maar het alternatief was om gelijk maar op te geven. De witte loper werd geslagen door de zwarte toren. Wil sloeg terug met zijn pion en het promotiepad voor Albert-Jan lag vrij. De vrijpion dacht wit snel te slaan met de witte toren, maar door tussenplaatsing van de zwarte loper kon Albert-Jan deze lijn blokkeren. Daarna moest wit zijn toren ‘buitenom’ naar het promotie veld brengen. Helaas voor Albert-Jan maar witte toren was daar was net op tijd. Albert-Jan kon het slaan van zijn promotiepion nog net voorkomen, maar daardoor stond de zwarte loper, evenals de witte toren, vast op die plaats. Hij had geen speelbare stukken meer en de overmacht van de vier witte vrijpionnen en een loper noodzaakten Albert-Jan om de partij opgeven.

Kees en Chris hadden allebei een degelijke partij. Dit was zeker ook een verdienste van hun tegenstanders, Jurriaan Verbeek en Mario Angelo Dirks. Een mooie remise werd afgesproken.

Chris overdenkt zijn stelling. Niet veel later komt hij en Mario remise overeen.

Eduard dacht de zwarte dame van Ruud Gorseman in te sluiten. Maar die lopers kruipen overal maar tussendoor. Zwart zette witte de toren en dame onder druk. De kwaliteit van wits stelling ging drastisch naar beneden als Eduard de ongelijke ruil had geaccepteerd. De teleurstelling van het niet kunnen vangen van de zwarte dame, was te groot. Eduard gaf de partij op.

Wibo was de hekkensluiter. Zijn tegenstander Serge Erdtsieck opende met c4. Na 8 zetten kwam er een vergelijkbare stelling op het bord als waarmee Wibo tegen een sterke clubgenoot 1½ week ervoor had verloren.  Die had hij goed geanalyseerd en dat betaalde zich uit in een betere stelling en een ongenaakbare loper op het sterke veld d4. Daarnaast had hij in het eindspel ruim meer tijd over dan Serge, en dat heeft hem gered. Op zich stond hij er goed voor. Maar door een kleine onzorgvuldigheid werd de witte dame nog gevaarlijk. De spanning was te snijden. De klok van wit tikte onverbiddelijk door. Nog 4 minuten, nog 3 minuten, nog 2 minuten. De tijd was te weinig om de witte stukken in positie te brengen. Wibo speelde de zwarte dame, schaak. De witte koning zocht een uitweg, en zag de verre toren over het hoofd. Die had remise kunnen houden, maar de koning ging lopen. Wibo speelde de toren, weer schaak! Zwarts stukken dreven de witte koning nog verder uit zijn paleis. Gracieus schreed de zwarte dame opzij. De witte koning zat gevangen en viel. Chapeau voor Wibo. Met 4-4 gaan de Messemakers opgelucht naar huis.

Wibo en Serge zoekend naar de winst

Messemaker 4 uit tegen Moerkapelle 2

Het was een spannende wedstrijd. Zoran Zekusic had ruim van tevoren afgezegd. Ton Hortensius viel voor hem in. Kort voor de wedstrijd moest echter ook Annie de Jong zich afmelden wegens ziekte. Edgar Reibel viel voor haar in.
Het Messemaker team moest het echter afleggen tegen Moerkapelle, het werd 4½ – 3½ in het voordeel van Moerkapelle 2.

Bord 1: Christiaan Noordland – Ton Hortensius (0 – 1)

Bord 2: Martijn Vroegindewei – Albert-Jan Wagensveld (½-½)

Mijn tegenstander speelde na de d4-d5 opening al vrij vroeg e4 met afruil van de pionnen en de paarden, hetgeen eindigde met wits dame op dit veld. Hierna werd er na enige zetten kort gerokeerd door mij(zwart) en lang gerokeerd door wit, waarna de witte opmars van de pionnen op de koningsvleugel begon. Ik besloot op de dame vleugel een soortgelijke opmars te starten maar met a5 gooide ik mijn eigen glazen in; het had a6 moeten zijn om daarna b5 te kunnen opspelen. Deze misser heeft mij de rest van de partij parten gespeeld. Ik kwam zwaar in de verdrukking te staan en de opmars van de witte pionnen leidde al vrij snel tot een pion op h7 vlak voor mijn koning. Het klinkt raar met ik was met deze pion een soort blij, want met een aanval van dubbele torens is een vijandelijke pion een soort gijzelaar, die meer verdediging biedt dan een eigen pion, omdat wit zijn eigen stuk onmogelijk kan slaan. Het bleef wel uitkijken want het veld g8 moest uit alle macht verdedigd worden tegen de gekste offers van wit, want daarna zou met promotie teruggeslagen worden, wat onmiddellijk tot mat zou leiden. Door tijdgebrek bij wit speelde hij minder nauwkeurig en kon ik eindelijk de benarde situatie afwikkelen. Analyse thuis leerde mij dat wit een voor mij fatale zet met een dame-offer (gelukkig) niet heeft gespeeld. Aan het eind ontstond een remiseachtige stelling en mijn tegenstander stelde remise voor. Ik moest mijn kansen wegen en schatte of de tijdnood van mijn tegenstander nog voordeel zou bieden. Dat was niet voldoende voor mij dacht ik gezien de 15 seconden per zet extra. En zo kwamen wij een zet later alsnog remise overeen.

Bord 3: Arie Ymker – Wibo Bouguignon (0  –  1)

Bord 4: Ron Droog – Minas Avedissian (½-½)

Bord 5: Dirk Molenaar – Eelko de Groot (1  –  0)

Onverwacht speelde ik een bord hoger vanwege het uitvallen van Annie. Ik kreeg Caro-Kahn tegen. De stukken bleven lang op het bord. Het zag er zelfs erg remise-achtige uit. Terwijl de koningsvleugel helemaal vaststond richten we beide onze pijlen op de damevleugel. Zwart’s pijlen waren wat scherper en ik kon hem niet meer tegenhouden. Via de damevleugel drong hij mijn stelling binnen en was het gedaan.

Bord 6: Kevin Bakker – Hans van Offeren (1  –  0)

Bord 7: Remco de Zwart – Edgar Reibel  (½-½)

Bord 8:  Hans Geerling – Eduard Dame (1  –  0)

Zo vaak krijg ik niet de kans om met zwart de Farejowicz variant in het Boedapestergambiet te spelen, dus na enig aarzelen toch maar doen. De opening is aantrekkelijk wanneer zwart de weg kwijt raakt, maar bij een normaal verloop levert het voor zwart niet veel meer op dan iets meer ruimte vanwege gambietpion. Die pion won ik overigens terug, miste ondertussen een stuk te winnen en begon toen een schitterende incorrecte actie die niet voltooid kon worden vanwege dreigend mat achter mijn paaltjes. Zwart had zijn kruit verschoten en wit nog niet.

Vierde team speelt gelijk tegen De IJssel 2

Verslag van de RSB-wedstrijd Messemaker team 4 tegen De IJssel 2, thuis gespeeld op 18 maart.

Eduard Dame kwam bij vergissing niet opdagen. Ed Reibel viel voor hem in. Het was een spannende wedstrijd. Het Messemaker team speelde ter nauwer nood gelijk tegen De IJssel, het werd 4 – 4.

Bord 1: Frank v.d. Pavoort – Zoran Zekusic (1 – 0)

Bord 2: Gerard v.d. Wouden – Albert-Jan Wagensveld (1 – 0)

Ik speelde met wit en opende met koningsgambiet. Mijn tegenstander antwoordde nog sneller dan ik de klok kon indrukken. Hij kende de antwoorden blijkbaar ook, want ik kwam er niet echt goed uit. Bij een dreigende afruil op f3, waarbij ik de keus zou hebben tussen nemen met de pion, wat de koningstelling opengooide, of kwaliteits verlies, verzon ik een combinatie. Ik offerde de loper op f7 met schaak, waarna de koning de loper sloeg. Hierna kon ik een tussenschaak geven met mijn paard dat gepend stond op straffe van dameverlies. Hierna kon ik de zwarte loper terugnemen met pionwinst. De zwarte koningstelling zag er nu gehavend uit. Toch zag zwart kans het mij moeilijk te maken. Maar het keerpunt was op de 21e zet. Daar beging ik een blunder. Ik speelde pion f4-f5 en had onvoldoende nagedacht over het hierdoor mogelijke loper offer met schaak op h2. Daar zat een aftrekje in dat mij bijna de dame kostte. Ik kon echter nog net dameverlies vermijden en zonder stukverlies wegkomen maar wel ten koste van twee pionnen. Deze achterstand werd mij tenslotte toch noodlottig. Na afruil van stukken ontstond een onhoudbare promotie van zwart met onmiddellijke matdreiging. Helaas.

Bord 3: Mick v.d. Berg – Wibo Bourguinon (½ – ½)

Bord 4: Rick Duine – Annie de Jong (0 – 1)

Bord 5: Leen Boonstra – Mina Avedessian (½ – ½)

Bord 6: Menno van Dijk – Eelko de Groot (0 – 1)

Net na de opening won ik een pionnetje. Echter zwart hield de druk hoog. Gelukkig voor mij kon zwart weinig met zijn loper. Richting het eindspel maakte ik een foutje door de dames te ruilen. Zwart kreeg hierdoor meer spel maar kon daar, gezien het geringe aantal minuten dat Menno nog op de klok had staan, weinig voordeel uit halen. Zwart maakte vervolgens zelf een klein vergissing, waarschijnlijk ook door tijdnood. Ik kon zwart’s verbonden vrijpion ophalen en kreeg het voordeel terug. Hierna was de part snel in mijn voordeel beslist.

Bord 7: Sjaak in ’t Veld – Hans van Offeren (1 – 0)

Bord 8: Aad v.d. Meer – Edgar Reibel (0 – 1)

Overschie te sterk voor Messemaker 4

Het was een spannende wedstrijd.
Eduard Dame had ruim tevoren afgezegd. Jasper van Wijhe viel voor hem in. Het Messemaker team moest het echter afleggen tegen Overschie, het werd 4½ – 3½ in het voordeel van Overschie 3.

BORD 1 Jurriaan Verbeek – Zoran Zekusic 1 – 0
BORD 2 Mario Angelo Dirks – Annie de Jong ½ – ½
BORD 3 Jan de Liefde – Wibo Bourguinon 1 – 0
Alle voortekenen voor een goede partij waren aanwezig: we waren ruim op tijd, we speelden in een kerk en mijn tegenstander heette De Liefde.Maar al bij zijn eerste zet begon ik aan de voortekenen te twijfelen: Jan opende met een bekende, maar voor mij zeer lastig te bespelen opening. Hij speelde vlotjes de zetten en na 10 zetten had ik al een kwartier tijdachterstand terwijl bij hem nog steeds 1:30 uur op de klokken stond. Na 20 zetten had ik licht voordeel, kon ik zijn h-pion nemen, maar daarmee kwamen de lijnen open op mijn koningsstelling. Niet gedaan dus, maar Fritz was het daar achteraf niet mee eens. Daarna bleek dat Jan de Liefde meer liefde had voor het spel dan voor zijn tegenstander. Langzamerhand werd ik steeds verder teruggedrongen en Jan wist met een paar mooie en strategische manoeuvres de partij te winnen om een manier als ik zelf graag had gewild. Had ik toch vooraf eerst een schietgebedje moeten doen?
BORD 4 Dick Bothof – Albert-Jan Wagensveld 0 – 1
Ik had zwart en mijn tegenstander opende met het damegambiet. Mijn eerste kunstje bleek te werken om na h6 en f5, te slaan op f4, en, na terugslaan door witte loper, b5 op te spelen, die de witte loper aanvalt en met deze tempowinst een sterke pionnenrij op de damevleugel te creëren na f4. Hierna speelde ik overmoedig door mijn paard in de aanval te gooien op de koningsvleugel, die daar nog even niet geslagen kon worden door een matdreiging, die de aandacht van wit opeiste. Maar wit pareerde de mataanval op onvoorzien effectieve wijze, waarna alsnog verlies van het paard dreigde. Door gecompliceerde zetten bleef mijn verlies echter toch beperkt tot slechts een pion. Hierna ruilde mijn tegenstander alle andere stukken af, en hoopte met zijn pluspion te promoveren. Daar zag het op het laatst dan ook wel naar uit. Gedreven door wanhoop herinnerde ik mij het advies van Leen de Jong, om niet te verdedigen, maar de aanval te zoeken op de andere flank. Dat bleek boven verwachting succesvol. Het had nog gepareerd kunnen worden, maar na zijn pionzet g3 verspeelde mijn tegenstander deze mogelijkheid, de pion brak door en wit gaf op.
BORD 5 Daniël van Saane – Minas Avedissian 1 – 0
BORD 6 Ruud Gorseman – Eelko de Groot 0 – 1
Een fraaie partij kwam er op het bord. Wit stond in de eerste helft van de partij ietsje actiever maar het lukte Ruud niet om de verdediging van zwart te breken. “Ik had niet echt een plan”, zei Ruud na afloop. Mijn plan was om een pionnenmeerderheid op de damevleugel te krijgen. Constante druk op centrum bracht mij niet de pionnenmeerderheid maar wel stukwinst. Uiteraard stond ik niet meteen gewonnen maar het speelde wel een stuk makkelijker. Beter gezegd, Ruud had meer tijd nodig en op zet 38 viel wit’s vlag.
BORD 7 Wil de Gids – Hans van Offeren 0 – 1
BORD 8 Martin Schlüter – Jasper van Wijhe 1 – 0

Overzicht van alle uitslagen in de RSB klasse 3C

Stand in de RSB klasse 3C

Team 4 pakt winst tegen Sliedrecht

Verslag van de RSB-wedstrijd Messemaker team 4 tegen Sliedrecht 4, gespeeld op 28 januari te Gouda.

Het was een spannende wedstrijd. Annie de Jong moest afzeggen wegens griep, opgelopen op het Tata Steel Chess Tournament in Wijk aan Zee, waar een kleine griep epidemie de ronde gedaan schijnt te hebben. Gelukkig kon Diko Kalkdijk voor haar invallen.

Eelko de Groot belde nog drie kwartier voor de aanvang van de wedstrijd, dat de trein waarmee hij naar ons onderweg was, bij Woerden tot stilstand was gekomen door een stroomstoring. Dit zou nog tot rond ’s avonds 10 uur gaan duren was de schatting van het omroepbericht. 
Gelukkig kon Chris Kraaijeveld voor hem invallen. Nog leuk om te melden dat beide invallers een winstpunt scoorden. Mede hierdoor kon Messemaker met de teamwinst strijken. Het werd 5 – 3. Proficiat!

Albert-Jan Wagensveld

[su_table]
BORD 1 Zoran Zekusic – L. Koppelaar 1 – 0
Toen de partij van start ging zag ik een symmetrische opening en dacht voor me zelf dat het een moeizame partij zou worden. Daarom begon ik zo snel mogelijk me klaar te maken voor de aanval. Op een gegeven moment zag ik een loper ingesloten staan met de kans een pion te ruilen voor een loper, maar dat zou een grote fout zijn omdat deze aanval dieper was dan dat ik dacht. De loper heb ik losgelaten en de aanval gericht op de dame vleugel waar de rokade van hem plaatsvond. Leo wist snel en veilig torens te verplaatsen en daarmee te voorkomen dat mijn dame in de buurt van zijn koning kwam. Het was inmiddels al de 30e zet en ik stond beter met veel ruimte en lichte aanval op de koningsvleugel. Met twee torens wist ik zijn koning uit de beveiligde hoek weg te jagen naar open veld waar het mat plaatsvond. Mijn winst zorgde voor een gelijke 3-3 teamstand met nog twee partijen te gaan.
BORD 2 Diko Kalkdijk – M. Klein 1 – 0
 
BORD 3 Wibo Bourguinon – W. Hokken 0 – 1
Voorafgaand aan deze wedstrijd had ik een kijkje genomen op de website van Sliedrecht. Geweldig, wat een leuke en creatieve verslagen stonden op de website van deze actieve vereniging! Daar kan ik niet aan tippen. Natuurlijk ook naar de spelers van Sliedrecht 4 gekeken. Allen met een iets lagere rating dan ons team, met één uitzondering, hun 20-voudig clubkampioen, Wim Hokken (ELO 1935). Hij speelde steeds op bord 3 en laat ik daar nu ook staan opgesteld. Remise was mijn doel, maar dat speelt toch niet echt lekker. Hij week al gauw af van de gebaande paden, maar tot zet 20 ging het prima. Ik wist zelfs zijn e-pion te winnen, maar kwam direct bedrogen uit. Na het nemen van deze giftige pion stonden mijn dame en toren op een diagonaal en moest ik een kwaliteit inleveren. Waarom van mijn remiseplan afgeweken?! Wim kwam daarna goed op stoom en met twee krachtzetten op de 25e en 29e zet was het pleit beslecht.
BORD 4 Albert-Jan Wagensveld – H. Hartog 1 – 0
Mijn tegenstander werd verrast door mijn koningsgambiet, want hij trok een diepe frons op de tweede zet. Hij kwam ronduit slecht te staan met een matdreiging op de zevende zet. Die matdreiging werd afgeslagen en hij kwam aardig terug en ik liet er een pion verlies bij. En dus werd het nog een hele strijd, waarbij zwart moeilijk stond en pas laat in de partij zijn torens aan de strijd gingen deelnemen. Maar dat werd uitkijken voor mij want de matdreigingen kwamen nu van zwart. Na de nodige afruil had ik een promotiepion op de zevende rij staan, die moest worden geblokkeerd door zwarts toren door het promotieveld te bezetten, terwijl er “hulp” onderweg was om de promotiepion op te ruimen. Toch slaagde ik er met wit in om de promotiepion op nog het bord te houden. Dit had tot gevolg dat zwarts toren verder niet gebruikt kon worden. Na verdere afruil van pionnen blunderde zwart in tijdnood door een pion te slaan die hem na een familie-schaakje een paard kostte. Hierna waren de vooruitzichten voor zwart hopeloos en gaf hij na enkele zetten op. 1 – 0.
BORD 5 Minas Avedissian – P. de Voogd 1 – 0
 
BORD 6 Chris Kraaijeveld – J. Gijsen 1 – 0
 
BORD 7 Hans van Offeren – A. van Houwelingen 0 – 1
 
BORD 8 Eduard Dame – M. de Beer 0 – 1
Extreem balen. Geen idee waarom ik al vroeg in de opening een blunderzet deed. Als je met een loper de zwarte dame aanvalt, dan moet deze zelf wel gedekt staan. De jeugd leert dit al in stap 1. Daarna modderde ik tot tien uur nog wat door met name om het moraal in ons team niet aan te tasten. Maar net als burgemeester Krikke van Den Haag die precies wist te vertellen wat anderen wel en zij niet fout deed bij de Scheveningse vuurstapels in de Oudejaarsnacht, denk ik dat mijn blunder er door veroorzaakt werd dat bord 8 deze keer bij de bar stond en niet aan het eind van de zaal. Vandaar het verzoek voor de volgende keer; graag gewoon weer de volgorde die iedereen gewend is.
[/su_table] Overzicht van alle uitslagen in de RSB klasse 3C
Stand in de RSB klasse 3C

Verdwaald in Oost-Flakkee vindt team 4 toch de winst

Verslag van de RSB-wedstrijd Messemaker team 4 tegen SOF-DZP-2 gespeeld op 26 november te Sommelsdijk.

 

Messemaker RSB team 2 (bij ons team 4) brengt toch de winst naar huis tegen SOF DZP-2. Het werd 4½ – 3½. Wij speelden uit tegen Schaakvereniging Oost-Flakkee / De Zwarte Pion in Oude Tonge. Dat wil zeggen toen wij ons na bijna een uur rijden aanmeldden in Oude Tonge bleek SOF-DZP op maandag in Sommelsdijk te spelen. Ik had als teamleider het adres in Oude Tonge gevonden op het internet, maar geen vermoeden gehad van twee adressen op verschillende dagen van de week(?!). Dus na het nieuwe adres ontvangen te hebben was het nog een klein kwartier voordat wij in Sommelsdijk aankwamen. Maar de tien minuten die wij te laat waren werden ons ruimhartig vergeven, wij waren welkom en er werd snel begonnen.


Maar ons team had ook aan sterkte ingeboet: Wibo was op vakantie en ook Annie moest afzeggen. (bord 3 en 2). Twee goede invallers werden gevonden: Chris Kraaijeveld en Ruud van Noord. Maar helaas ook Ruud werd ziek en meldde dat hij niet fit was en liever thuis bleef als er nog een vervanger kon worden gevonden. Veel mogelijke vervangers heb ik gebeld en eindelijk vond ik Kees van Wensveen. De vervangers deden het erg goed: Chris speelde remise en Kees won zelfs. Uiteindelijk werd het 4½ – 3½ in het voordeel van Messemaker. Naar huis was het nogmaals een lange rit langs donkere wegen en om half één werden de spelers weer bij ons clubgebouw afgezet. Sommigen moesten alweer om zes uur op. De gepensioneerden zoals ondergetekende zijn dan weer in het voordeel.

Albert-Jan Wagensveld

 

BORD 1 Jan van Genderen – Zoran Zekusic 1 – 0
BORD 2 Cesar van Prooijen – Albert-Jan Wagensveld 1 – 0
Tegenstander opende met damgambiet. Er ontstond een tamelijk gelijkwaardig middenspel, hoewel mijn tegenstander meer in de aanval was en ik meer in de verdediging. Mijn tegenstander gebruikte veel bedenktijd, waarvan ik hoopte dat hem dat parten zou gaan spelen, maar ook dat leek later niet het geval. Mijn analyse thuis met Shredderchess toonde aan, dat ik op wel drie momenten in de partij de winst had laten liggen!! Ik had namelijk een vrijpion op de damevleugel die ik een rijke toekomst had toegedacht, terwijl de analyse aantoonde het offeren van juist deze pion de winst zou hebben gebracht. Na een dubbele aanval van wit verloor ik daarentegen een steunpion op de damevleugel, die mij noodlottig werd. Wit brak door, daarna werd mijn vrijpion geslagen en er was geen houden meer aan. Toen de witte pion ging promoveren gaf ik op.
BORD 3 Daniël Mulder – Minas Avedissian 0 – 1
Na zwarts 11e zet Ld6 is het alsof mijn tegenstander en ik in een schaakspiegel kijken (zie afb. a). Mijn 12e zet is Dh5, waarmee ik mijn tegenstander net voor ben. Na de wedstrijd geeft hij namelijk aan zelf Dh4 te hebben willen spelen. Nu kiest hij voor g6, gevolgd door mijn Dh6 en zijn Df6.

Na mijn 16e zet Lg5 staat de volgende stelling op het bord (zie afb. b). Mijn tegenstander plaatst zijn aangevallen dame op d6. Ik kan nu al voor c5 kiezen en zijn loper op a6 veroveren. Eerst zet ik echter mijn f-toren op e1. In plaats van zijn loper veilig te stellen, reageert mijn tegenstander weer spiegelend door Tfe8. Nu verschuif ik alsnog mijn pion naar c5. Mijn tegenstander wint de pionnen op c5 en c2, ik de loper op a6.

In de onderstaande stelling (zie afb. c) is de 23e zet van mijn tegenstander Tab8, waarna ik met mijn loper zijn pion op f7 sla en hij opgeeft.

BORD 4 Leon Struik – Eelko de Groot 1 – 0
Op bord 4 kwam het gesloten Siciliaans op het bord. Wit zette heel voortvarend de aanval op de koningsvleugel in en ik moest zeer nauwkeurig spelen om niet groot materiaal te verliezen. Het lukt om wit terug te drijven achter zijn pionnen, die op de damevleugel na allen al vooruit geschoven waren. De stelling was echter nog verre van eenvoudig. Een plan om een kwaliteit te geven voor twee pionnen en een aanval op de koningsstelling mislukte. Wit zag kans de dames te ruilen en stond met deze kwaliteit voor, in een beter uitgangspositie voor het eindspel. De complexiteit van de stelling en het toenemend rumoer van de omstanders, we waren nog als laatsten bezig met de partij, nekten me. Ik kon de concentratie niet meer opbrengen en na een paar blunders vond ik het mooi geweest. Gelukkig hadden we reeds voldoende punten om de winst mee terug te nemen naar Gouda.
BORD 5 Remco Ossewijer – Chris Kraaijeveld ½ – ½
BORD 6 Bart Loosjes – Hans van Offeren 0 – 1
BORD 7 Jan de Haan – Eduard Dame 0 – 1
Even vreesde ik voor een lange avond tegen op het eerste oog een erg defensieve tegenstander.Terwijl ik begonnen was aan mijn favoriete Italiaan, vertrouwde hij achtereenvolgens d6, h6 en a6 aan het bord toe. Maar niets was minder waar. Goed ontwikkelen (ik) versus een onbelangrijke pion ophalen (hij) bleek stukken voordeliger (letterlijk). Met een mooie doorstoot en een offer in het centrum, terwijl de zwarte koning verzuimd had te rokeren was het meer de vraag hoe in plaats van of ik zou winnen. Fritz wist het achteraf natuurlijk nog allemaal mooier en beter, maar wat er uit mijn vingers kwam daar was ik op best trots op. Op zet 28 was het gedaan met Jan de Haan (sorry Jan maar het is snel 5 december).
BORD 8 Anton Visser – Kees van Wensveen 0 – 1
Voor de wedstrijd van het 4e team tegen SOF-DZP 2 van 26 november werd me gevraagd in te vallen. Na een lange reis kwamen we, na enige strubbelingen over de locatie waar we moesten spelen, in Sommelsdijk aan. We waren te laat maar de tegenstanders waren op de hoogte van de vertraging en hadden even gewacht met het aanzetten van de klokken.
Ik speelde met zwart aan het laatste bord tegen Anton Visser.
Na de Siciliaanse opening won ik in de beginfase al een pion en kon die voorsprong vasthouden. Ik kon de partij zonder al te veel problemen rustig uitspelen en na nog een pion veroverd te hebben gaf mijn tegenstander op en was de winst binnen.

Overzicht van alle uitslagen in de RSB klasse 3C
Stand in de RSB klasse 3C

Nipte overwinning voor Messemaker 4

Wedstrijdverslag van de RSB-wedstrijd tussen Messemaker team 4 en Hendrik Ido Ambacht 2, gespeeld op 5 november te Gouda

 

BORD 1 Zoran Zekusic – Klaas Bax ½ – ½

 
BORD 2 Annie de Jong – Eelco Vanlerberghe 0 – 1
We speelden de Siciliaanse opening. Er kwam voor mij wel een bekende variant op het bord, die ik wel vaker had gespeeld. In het middenspel wilde ik te geforceerd een pion blijven dekken en deed toen niet de juiste voortzetting. Ik speelde mijn dame naar een verkeerd veld, bij analyse bleek dat een andere dame zet beter was geweest. Altijd weer die dame’s 😊
Pion verlies leidde tot een mindere stelling, die uiteindelijk ook verloren ging.
 
BORD 3 Wibo Bouguignon – Rocky van der Werff ½ – ½
Mijn tegenstander stelde zich passief op wat mij de gelegenheid gaf een mooie actieve stelling te creëeren. Maar wat ik vervolgens ook probeerde, ik wist geen voordeel te creeëren. Langzamerhand werden alle stukken afgeruild. En uiteindelijk moest ik berusten in remise.
 
BORD 4 Albert-Jan Wagensveld – Manuel Rubio Perez ½ – ½
Mijn tegenstander verdedigde zich tegen mijn koningsgambiet, wat hem aardig lukte. Ik kwam nogal gedrukt te staan. Toen ik door de schaakjes nog maar weinig manouvreer ruimte over had, leek het op herhaling van zetten uit te lopen. Daar maakte ik de blunder om mijzelf schaak te zetten! Ik ontdekte het zelf toen ik de klok indrukte. Maar mijn tegenstander claimde de winst al omdat ik de klok had ingedrukt. Hierop haalde ik onze wedstrijdleider Bert Vlot erbij, die keurig uitlegde dat dit een onreglementaire zet was. De zet moest worden teruggenomen, het bewuste stuk (koning in dit geval) moest weer gespeeld worden, en mijn tegenstander kreeg er extra tijd bij, 2 minuten. Hier kwam nog goed mee weg. Door de herhaling van zetten die er onmiddellijk op volgde werd het alsnog remise, waar ik blij mee kon zijn.
 
BORD 5 Minas Avedissian – Hendrik Huijzer 1 – 0
Op de 4e zet stond mijn tegenstander een pion achter, maar had hij wel wat extra bewegingsruimte voor zichzelf gecreëerd. Nadat we allebei lang hadden gerokeerd, begonnen we aan onze aanval.
Mijn tegenstander leek uiteindelijk de overhand te krijgen: hij won een toren (tegen een paard) en wist daarna mijn stelling binnen te dringen op de zevende rij. Maar tot zijn en mijn verrassing belandde hij juist daardoor in een mat in drie.

 
BORD 6 Eelko de Groot – Piet de Jonge 0 – 1
Een partij waarin ik het vooral mezelf er lastig maakte. In de opening dacht ik een kansje te zien om het centrum onder controle te houden en tegelijk een aanval op f7 in te zetten. En alhoewel ik de ontwikkeling van mijn stukken niet vergat, wat soms wel eens gebeurd, ontging mij de mogelijkheid van zwart om mijn loper in te sluiten. Met een stuk achter werd het erg lastig spelen. Zwart kreeg steeds meer de overhand en na de 21e zet moest ik bekennen dat er geen eer meer aan deze partij te behalen was.
 
BORD 7 Hans van Offeren – Roel Pruijsen 1 – 0
Evenwichtige partij. Opeens een pion winst voor mij/zwart, wat uiteindelijk de winst opleverde met een matnet.

 
BORD 8 Eduard Dame – H. Hameetman 1 – 0
Opeens had ik vier op een rij. Witte pionnen op d4, e4, f4 en g4. Bij het spelletje met die naam heb je dan al gewonnen, maar ik moest nog 13 zetten doorschaken voor de winst. Vermoedelijk geschrokken van een verdere opmars met g5 raakte het zwarte paard op f6 in paniek en offerde zich waar dit strikt genomen niet nodig was. Ik moet eerlijk bekennen dat ik toen even de teugels liet vieren en scherper had ik kunnen spelen. Maar toen zwart zich opnieuw vergaloppeerde en gatenkaas maakte van de verdediging rond de koning, was het potje snel ten einde met een op zich vermijdbaar (maar moeilijk te vinden hoe) mat.

Overzicht van alle uitslagen in de RSB klasse 3C
Stand in de RSB klasse 3C

Winst tegen CSV voor Messemaker in RSB 3C

door Jan Evengroen

De tegenstander van Messemaker 4 bestond uit voornamelijk jeugdspelers aangevuld met Eduard Hartog. Mooi om te zien hoe jeugdige spelers op deze wijze aansluiting vinden bij het senioren schaak. Een groot compliment voor de Capelse Schaak Vereniging. In vroeger jaren wist een jeugdteam van Capelle a/d IJssel door te dringen tot de landelijke top. “Winst tegen CSV voor Messemaker in RSB 3C” verder lezen

Ridderkerk te sterk voor Messemaker 4

De thuiswedstrijd van het 4e team tegen het 1e team van Ridderkerk eindigde in een verlies. Het eindigde met twee borden winst en twee met remise voor ons team. Deze uitslag van 3-5 was toch wel een beetje te verwachten. Ridderkerk staat op de 2e plaats en heeft alleen nog maar verloren van WSV2 uit Waddinxveen dat bovenaan staat.
Bij een club met 1 team in de competitie kun je een paar sterke tegenstanders verwachten en dat kwam ook zo uit: de eerste drie spelers hebben een rating dik boven de 1700. De speler aan het eerste bord zelfs 1850! “Ridderkerk te sterk voor Messemaker 4” verder lezen