Messemaker verslaat Oegstgeest in KNSB-bekercompetitie

Maandag 25 november mocht ons KNSB-bekerteam in een thuiswedstrijd aantreden tegen Oegstgeest. Geen onbekende tegenstander voor ons: we hebben al regelmatig in de KNSB-competitie tegen hen gespeeld en ook al eens keer in een bekerwedstrijd van hen verloren. Deze keer was de start voorspoedig door een zeer snelle winstpartij van Erik Hennink tegen de altijd-snel-en-oppervlakkig-spelende Fred Slingerland (toch altijd nog een IM), notabene in diens lijfopening (Siciliaanse Draak). De andere IM van Oegstgeest, Nebojsa Nikolic (broer van de veel sterkere GM Pedrag Nikolic) had met wit vanuit de opening tegen mij niets bereikt en even later vond er op ons bord een zetherhaling plaats. Aldus stonden we 1,5-0,5 voor, met intussen wel een erg bedenkelijke stelling voor Ben van Geffen en een iets betere stelling voor Kees Brinkers. Terwijl die twee partijen tergend langzaam voortschreden gingen Erik en ik al aan het rekenen: als Ben zou verliezen en Kees remise zou maken dan zou de eindstand 2-2 worden, er zou dan snelschaak gespeeld moeten worden met het voordeel voor Messemaker dat bij een 2-2 in het snelschaken de overwinning van Messemaker aan bord 2 de doorslag zou geven. Maar zover zou het helemaal niet komen! Ben vocht keihard terug, kreeg zeer actief spel voor zijn 2 minuspionnen en leek op weg naar remise. Helaas nam hij zijn kansen niet maximaal waar en even later had wit met zijn pluspionnen de stelling weer onder controle, waarmee hij Ben uiteindelijk op de knieën kreeg. Intussen had Kees een pion verloren (of geofferd?), maar daar wel het voordeel van een zeer goede tegen een zeer slechte loper voor terug gekregen. Met zijn koning drong hij in het eindspel diep het vijandelijke kamp binnen, won daarmee zijn pion weer terug, moest toen wel weer snel terug met de koning, maar hij bleef het voordeel van de veel betere loper houden. Hij maakte de partij daarna op voorbeeldige wijze af. Zodoende had Messemaker met 2,5-1,5 gewonnen, er was dus geen snelschaken meer nodig en Messemaker is door naar de volgende ronde!

Messemaker verslaat Botwinnik in 1e ronde KNSB-beker

(door Peter Ypma)

Nog regelmatig denken we terug aan de tijd dat het ons vier jaar op rij lukte om te overwinteren in de beker. Eén keer lukte dit door regerend landskampioen En Passent met 4-0 te verslaan. Ik kan mij het ongeloof op de gezichten van de tegenstander nog goed herinneren. Helaas moeten we het inmiddels echter al een paar jaar doen met herinneringen aan overwinteren, want het zit al een paar jaar niet echt mee. Misschien komt daar nu verandering in, want het is ons eindelijk weer een keer gelukt om door de eerste ronde heen te komen. Met mooie (en ietwat geflatteerde) cijfers hebben we Botwinnik verslagen. Dit betekent dat we in de volgende ronde alleen nog revanche hoeven te nemen op Oegstgeest om weer eens te overwinteren. We gaan ervoor. Hieronder een kort verslag van de partijen tegen Botwinnik zoals de teamgenoten hem beleefd hebben.

Peter Ypma: Afgelopen week viel ik in de RSB competitie in. Ik speelde toen een bedroevend slechte partij waarbij ik al mijn geld zette op een aanval waar ik totaal niet in geloofde. Ondertussen misrekende ik mij waardoor ik mijn b-pion weggaf. Ik mocht van geluk spreken dat mijn tegenstander het niet zo nauwkeurig verder speelde waardoor ik nog een remise kreeg. De partij van vandaag leek verassend veel op die van vorige week. Ik kreeg dezelfde opening op het bord en wederom koos ik voor de koningsaanval. Daarbij gaf ik weer mijn b-pion weg. Dit keer was het echter een bewust offer dat ervoor zorgde dat de stukken van mijn tegenstander verkeerd kwamen te staan. Hier profiteerde ik goed van en in de aanval won ik een stuk en vervolgens de partij.

Peter Scheeren: De witspeler speelde Hollands in de voorhand en na een zet of 10 was de stelling min of meer in evenwicht. Toen begon hij echter wat aarzelend te spelen en door een verrassende ruil van een van mijn lopers tegen zijn paard kreeg ik druk tegen zijn zwakke d-pion. Daarmee was de partij zeker nog niet beslist, maar na aanhoudend aarzelend spel van wit kon ik het initiatief verder uitbouwen. Dat resulteerde in een gunstig eindspel waarin de witte stukken erg ongelukkig stonden. Na een afwikkeling kreeg ik een glad gewonnen toreneindspel dat mijn tegenstander tegen beter weten in nog heel lang bleef doorspelen, maar het resultaat stond uiteraard vast: 0-1.

Ben van Geffen: Met zwart kreeg ik een onbekend gambiet voor mijn kiezen en ik besloot de aangeboden pion te pakken en te verdedigen. Dat was waarschijnlijk te riskant. Wit kreeg een mooie stelling en ik moest de pion al inleveren. De witte druk bleef echter en mijn tegenstander kon een sterke aanvalszet doen, die ik vermoedelijk niet zou hebben “overleefd”. Hij speelde iets anders en ik kon een gelijke stelling bereiken. Mijn remiseaanbod werd afgeslagen. Er ontstond een eindspel met ieder 2 torens en evenveel pionnen. Eén stel torens verdween en toen had het remise moeten worden. Wit speelde nog steeds op winst en daar lag mijn  kans. Ik ruilde de laatste torens en gokte op mijn meerderheid op de damevleugel. Mijn tegenstander kon bij correct spel wel winnen, maar het was moeilijk en hij sloot met 39.g4?? zijn eigen koning af. Ik had een gewonnen pionneneindspel! In de hectische slotfase gaf ik met een blunder eerst nog de winst weg, maar een paar zetten deed wit hetzelfde en leverde mijn pionnendoorbraak alsnog een dame op en even later de winst!

Frans Bottenberg: Een bekerwedstrijd brengt (bij mij) altijd wat extra spanning met zich mee, immers met een viertal telt het persoonlijke resultaat zwaarder. En dan nog dat snelschaken in geval van 2-2. De rol van held of die van schlemiel liggen dan dicht bij elkaar. Interessant artikel overigens in de NRC van afgelopen zaterdag over het verschijnsel ‘choking’ bij tennis onder de titel ‘Het verstikkende matchpoint’. Een paar citaten: ‘Zodra gedachten naar iets anders uitgaan dan naar de taak, verslechtert dat de prestatie’ en ‘Denken aan winnen of verliezen is de grootste afleiding in de sport’. Deze inleiding is nodig, want over mijn partij heb ik niet veel te melden. Net als bij Peter Ypma valt een vergelijking met de partij uit de RSB-competitie tegen Charlois Europoort op: bij mij wat betreft het resultaat (remise) en het geringe aantal zetten (21). Kort na de opening maakte ik een strategische fout door een centrumpion te ruilen, waar doorschuiven geboden was. Mijn tegenstander kreeg daardoor meer ruimte voor zijn stukken en voor mij was er nauwelijks een plan te verzinnen. Gelukkig bleek mijn tegenstander te behoren tot de categorie spelers die meer waarde hecht aan het voorkomen van (vermeende) mogelijkheden bij de andere partij dan aan het zoeken naar en gebruik maken van de eigen kansen en mogelijkheden. Toen de mogelijkheid van een zetherhaling zich voordeed grepen we die beide aan. Geen heldenrol, maar gelukkig ook niet die andere… .