Messemaker 1 winterkampioen in 2C

Na de ronde gaf Erik mij het goede advies “Schat nooit in hoe alle borden staan na anderhalf uur. Alles verandert toch nog!”. Dat bleek vandaag weer erg juist. De twee borden waar wij slechter stonden (Peter en Peter), wisten wij te winnen. Aan de andere kant haalden we precies 50% uit de stellingen waar wij het betere van het spel hadden. Van deze groep spelers wist alleen Ed te winnen. Dat deed hij op zijn typische wijze. Vanuit de opening een voordeeltje en die niet meer weggeven. Jan had ook vanuit de opening een leuk voordeeltje, maar gaf dat met ÈÈn zet weg en moest de enige nederlaag van ons team slikken. De overige vier spelers kwamen uiteindelijk op remise uit. Hierdoor hebben we de wedstrijd met 5-3 gewonnen en gaan we als winterkampioen de winterstop in. De doelstelling is duidelijk: zorgen dat we aan het eind van het seizoen nog steeds bovenaan staan.
Hieronder leest u het verslag zoals alle spelers hun partij hebben beleefd.

Peter Ypma:
In de opening had ik de keuze tussen zetherhaling en een passieve stelling. Ik koos voor het tweede, maar ik kwam er al snel achter dat dit niet verstandig was. We kregen namelijk een stelling met tegenovergestelde rokades, waarbij mijn tegenstander al een moordende aanval had en ik nog totaal niet. Mijn tegenstander viel echter te langzaam aan, waardoor ik tijd had om te doen alsof ik ook aanval had. Met een beetje hulp van mijn tegenstander kreeg ik die aanval ook en wist ik af te wikkelen naar een eindspel met twee pionnen meer. In dat eindspel had mijn tegenstander nog wel goede remisekansen dankzij eeuwig schaak constructies. In de partij kreeg hij die echter niet voor elkaar – en wist ik de partij met matige techniek alsnog te winnen.

Wim Heemskerk:
In plaats van een lang verhaal met smoesjes lijkt een korte conclusie meer op z’n plaats: het lukt me domweg niet meer om betere/gewonnen stellingen ook echt te winnen.

Peter Scheeren:
Met zwart kwam ik deze keer – in tegensteling tot mijn vorige (zwart)partijen – niet goed uit de opening. Was ik nog niet goed wakker? Of moest ik nog bijkomen van de crash van mijn PC eerder die ochtend? Hoe het ook zij, na 15 zetten stond ik gewoon een pion achter bij slechtere stelling. Kennelijk schrok mijn tegenstander hier ook zo van dat hij prompt op zet 17 een grote fout maakte, waardoor ik zijn koning kon belagen met Dh3 en Pg4. Om niet mat te gaan moest hij een stuk geven en gaf daarna op zet 24 op. Een gelukkige overwinning en een belangrijke bijdrage aan de teamoverwinning. De rest van het weekend was ik bezig om de gevolgen van mijn computercrash ongedaan te maken, dat is zowaar ook gelukt. Al met al dus uiteindelijk een zeer geslaagd weekend voor mij!

Erik Hennink:
Met wit kon ik op bord 4 geen voordeel uit de opening bereiken. Al vroeg in de partij werden de dames geruild en later in de partij alle torens. In de stelling die overbleef dachten beide partijen de iets betere kansen te hebben, maar het bleek na een aantal zetten dat een winstpoging van beide kanten vruchteloos was. Daarna werd snel remise overeengekomen wat een terechte uitslag was van een partij zonder veel vuurwerk.

Henk-Jan Evengroen:
Met zwart kreeg ik het schots gambiet tegen. Hier kwam ik opzich redelijk uit, waardoor ik na de opening een klein plusje had. Ik koos echter niet de beste voortzetting waarna de stelling snel vervlakte, waardoor een gelijkspel onvermijdelijk was.

Ed Roering:
Met wit spelend kwam de partij helemaal in mijn straatje. Bekend terrein, genoeg tijd en een tegenstander die veel tijd verbruikte in de opening. De dames werden snel geruild, waarna zwarts enige troef een sterk paard op d5 was. Hij had echter ook een ontwikkelingsachterstand en een zwakke geïsoleerde pion op c6. Ik kon de pion belegeren, waarna mijn tegenstander in tijdnood geen verdediging kon vinden. De pion bleef behouden, maar zwart ging uiteindelijk ten onder aan het zwakke veld c5. Uiteindelijk overzag hij dat ik daar met mijn loper zijn toren op b4 aanviel. Na deze kwalwinst was de partij snel voorbij. Maar ook het weghalen van de toren had geen soelaas meer geboden, de witte stelling was te sterk en de zwarte te vol met zwaktes.

Bernard Evengroen:
Met wit kwam ik met wat ruimtevoordeel uit de opening. Hoe ik hier gebruik van kon maken of verder uitbouwen zag ik echter niet. Het gevolg was dat ik iets te enthousiast was en een pion verloor. Om activiteit te houden besloot ik een tweede pion te geven. Hierdoor kwamen mijn beide toren op de achtste lijn. Mede door een onhandigheid van mijn tegenstander kon ik een zettenherhaling forceren. Veel kans op meer had ik niet (meer), want er stond een derde pion van mij op het punt het bord te verlaten. Bedankt voor het invallen en veel succes met het (ik hoop) promoveren!

Jan Evengroen:
(verslag volgt)