Erich Karstan
1956 – 2018

In het licht van het droevige nieuws over het plotselinge en onverwachte overlijden van Erich is dit verslag natuurlijk volstrekt onbelangrijk. Het was de laatste teamwedstrijd voor Erich. Het is, achteraf bezien, een bizar toeval dat hij juist in deze wedstrijd geen partij heeft gespeeld omdat er voor hem geen tegenstander was. Erich was een sterk schaker en een zeer zachtmoedig en aimabel mens. Wij zullen hem missen. Wij zullen hem heel erg missen.

 

 

 

Partijfragmenten met toelichting van de spelers


Erich Karstan – NO: 1 – 0 (regl.)


Frans Bottenberg – Martin Krijger: 1 – 0 (tussenstand 2 – 0)

stelling na 26….Lg7-f6

Zwart wint de e-pion terug, maar gaat snel ten onder aan de open h-lijn en de diagonaal a2-g8: 27.Lg5xf6 Te6xf6 28.Th1-h6 Dc7xe7 29.Ta1-h1 De7-g7 30.De2-c4+ Tf6-f7 31.Th6-h8+ zwart geeft op.


Ben Snethorst – Leen de Jong: 0 – 1 (3 – 0)

 

stelling na 19.Da7-c5

Met zwart spelend offerde ik op de 13e zet een pion om een paard met tempowinst op d4 te krijgen, om zodoende het spel van wit te verlammen.  Gefixeerd door de verschillende manieren om een kwaliteit aan dit avontuur kunnen overhouden overzag ik echter de witte tegenkans, een paardvork op c7, waardoor ik zelf een kwaliteit achter kwam te staan. Zie diagramstelling. Ondanks achterstand in materiaal en de lelijke dubbelpion op de e-lijn, is het oordeel van stockfish nog steeds goed voor mij (-2.08). Aangewezen is 19…. Lxf1 20.Lxf1 Tc8 21.Da7 Pb3  met blijvend voordeel. Helaas, het eerder niet aan zien komen van de paardvork bleek niet goed voor het zelfvertrouwen. Het idee blij te moeten zijn met remise resulteerde in een slechte poging tot zetherhaling. Er volgde 19….Ta8-c8? 20.Dc5xe5 ook niet gezien. Na 20….Le2xf1 21.Kg1xf1 Pf6-g4 22.De5-h5 Pd4-b3? 23.Dh5xg4 Pb3xa1 is de zwarte stand echt verloren (volgens de computer was 22….Pxf2 nog net iets beter geweest voor zwart). In het vervolg opereerde mijn tegenstander wat te aarzelend: 24.Lc1-e3 Kg8-h8 25.Dg4-e2? Tc8-c2  en het was weer gelijk. Ik kon daarna door mat te dreigen pion b2 gratis ophalen. Een tactisch grapje (….Pxe3) met gedwongen terugslaan met de f-pion resulteerde in een structuur (nu een dubbelpion op de e-lijn voor wit) waar de 2e rij niet meer te verdedigen was. Een wat gelukkige overwinning dus.


Kees Brinkers – Sebastiaan Koedoot: ½ – ½ (3½ – ½)

stelling na 25….e5-e4

Na een partij waarin niet veel opwindends gebeurde, dacht ik een klein voordeel in het eindspel te hebben dankzij de actieve positie van mijn toren. Zwarts laatste zet, 25….e4!, hielp mij echter uit die droom. Zwart dreigt een vrijpion te creëren waardoor wit geen tijd heeft om op c4 te nemen: 26.Txc4?? e3 27.fxe3 fxe3 28.b4 (er dreigde mat op de onderste rij) 28….Te8  en de promotie van de e-pion valt niet te stoppen. Daarom speelde ik 26.Kb1-c1 (ook 26.Te6 en 26.a3 leiden tot remise). Er volgde 26….e4-e3 27.f2xe3 f4xe3 28.Kc1-d1 Tf8-f1+ 29.Kd1-e2 Tf1-f2+ 30.Ke2xe3 Tf2xc2 31.Ke3-f3 Tc2xb2 en een tiental zetten later werd remise overeengekomen.


Sjaak Spiegels – Bernard Evengroen: 0 – 1 (4½ – ½)

Met zwart kreeg ik een wat onbekende variant voor mijn kiezen. Mijn tegenstander speelde vrij snel in de partij een variant waar ik niet erg bekend mij was. Het gevolg was dat ik het loperpaar had, maar wel in een gesloten stellingen, waar mijn tegenstander iets meer ruimte had. In de diagramstelling had ik de ruimte teruggewonnen, maar had mijn tegenstander een sterk paard op d4. In deze fase van de partij had ik het gevoel dat het belangrijk was om op het juiste moment het paard op d4 te slaan met mijn loper.

Ik besloot in de diagram stelling het paard te pakken en daarna met mijn dame op f5: 1.…Lg7xd4 2.c3xd4 Dd5xf5. In deze stelling zijn er weliswaar lopers van ongelijke kleur wat de remisekansen vergroot, maar door zware stukken en 3 losse pionnen voor wit had ik aanzienlijke winstkansen, schatte ik in. Het bleek echter niet nodig om dit te bewijzen omdat mijn tegenstander een paar zetten later zijn loper cadeau deed. Mijn positiviteit over zwarts stelling moet misschien iets gerelativeerd worden omdat ik deze stelling in een vluggerpotje tegen mijn vader niet tot een succesvol einde wist te brengen.


Kees van den Nieuwendijk – Wouter Schönwetter: 0 – 1 (5½ – ½)

stelling na 23.Ta1-d1

Na een rustige opening, waarbij mijn tegenstander zo’n beetje alle stukken ruilde die hij kon ruilen, besloot ik op mijn koningsvleugel een aanval op te zetten op de vijandige koning. Echter besloot mijn tegenstander hetzelfde te doen, waardoor een gevaarlijke stelling ontstond (zie diagram). Wit speelde als laatste zet 23.Ta1-d1. Dit was een beetje een onhandige zet, want deze zet maakt d4 nog sterker (wat ik toch al van plan was om te spelen). 23….d5-d4 24.Dg5-g4. Is de enige goede zet van wit. Na 24.Lxd4 komt Txd4. Als wit in een andere variant, na 23….d4 24.Txd4 probeert, speelt zwart 24….Txd4 25.Lxd4 e5, wat vrij vervelend voor wit is.

Wit deed na zijn 24ste zet nog een remiseaanbod, maar dat kon ik gezien de stelling niet aannemen. 24…..d4xe3 25.Td1xd8 e3-e2. Even een tussenzetje om de pion op f4 mee te pakken. 26.Tg3-e3 Th8xd8 27.Dg4xe2 Lc7xf4 28.Te3xe6?. Wit dacht hierbij de pion terug te winnen, maar 28….Lf4-e5 sluit de witte toren in. Nadat wit de toren tegen de loper ruilde + 1 pion, werd het nog erg gevaarlijk, want de zwarte koning staat open en de zwarte velden zijn zwak. Nadat ik de dames met veel moeite afgeruild had (nadat mijn koning helemaal naar c8 gelopen was), kon ik de wedstrijd rustig uitspelen.


Rick van de Breevaart – Jan Cheung: 0 – 1 (6½ – ½)

stelling na 20.Pa4-b2

Zwart had tijdens de partij alle ambities van wit op beide vleugels weten te verhinderen. Als er een partij tevreden is met deze stelling, dan is het zwart. De vraag is nu hoe zwart zijn stelling kan verbeteren. Met het rustige 20….Le6 21.De1 Tdc8 22.Pba4 kan wit de stelling nog in evenwicht brengen. In deze stelling werd er 20….d6-d5!? gespeeld. Later bleek dat het argument om deze zet te spelen een rekenfout bevatte. Wit reageerde al snel met 21.Pc3xd5 Pf6xd5 22.e4xd5. Nu heeft de geplande zet 22….c3 geen resultaat na 23.d6! Dc6 24.Dd3! Na 24….Le6 25.Pc4 Lxc4 26.Dxc3 Lxd6 27.Dxc4 Dxc4 28.bxc4 Le7 staat de stelling ondanks een pluspion van wit, gelijk. Zwart koos een andere voortzetting, om de stelling te impliceren: 22….Ld7-e6 23.Pb2xc4 Le6xd5. Nauwkeuriger was 23….Txd5 24.Dc3 Txd1+ 25.Rxd1 f6 met compensatie voor de pion. Nu volgt ongeveer dezelfde voortzetting met het verschil dat de zwarte stukken minder optimaal staan. 24.Dd2-a5! Zwart heeft nog steeds compensatie voor de pion, maar wit heeft vergeleken met de stelling op de 20e zet nu niks te vrezen.

stelling na 39….a6-a5

Zwart heeft de pion inmiddels teruggewonnen. Er is een moeilijk eindspel ontstaan. Wit heeft een gedekte vrijpion op c4, maar deze is moeilijk in beweging te brengen. De pion op a5, die op dezelfde kleur staat als de kleur van de loper, pakt uit in zwarts voordeel, omdat het wit belemmert om de pionnenmassa op de damevleugel in beweging te brengen. Zwarts plan om zelf op de koningsvleugel een vrijpion te creëren, is gemakkelijk te realiseren door de actieve koning en door de zwakke velden rondom de witte pionnen op de koningsvleugel. Voor wit is het zaak om zo snel mogelijk de damevleugel te mobiliseren. Na 42.c5 Kf6 43.c6 Ke7 42.Kg2 Lc5 45.Pb5 g5 46.h3 is remise het meest denkbare resultaat voor beide partijen. In de partij werd gespeeld: 42.Pc7-e6+? Deze zet zou naar later blijkt, teveel tijd kosten. 42….Kg5-f6 43.Pe6-d8 g7-g5 44.Pd8-b7 g5-g4+ 45.Kh3-g2 Lf2-b6 Blijkbaar was 46.c5 de bedoeling van 42.Pe6+, maar na 46…gxf3+ 47.Kxf3 e4+ zijn de zwarte pionnen op de koningsvleugel veel gevaarlijker dan wits c-pion. De partij ging verder met 46.a2-a3 g4xf3+ 47.Kg2xf3 e5-e4+ 48.Kf3-e2 Kf6-e5 49.c4-c5 Lb6-c7 50.b3-b4 a5xb4 51.a3xb4 Ke5-d5 en zwart won later de partij.


Leslie Tjoo – Joost van Eenennaam: ½ – ½ (7 – 1)

stelling na de 73e zet van wit

Na de opening stond het ongeveer gelijk, maar met wit kon ik niet een goed plan bedenken en speelde ik wat weifelend. Daardoor wist zwart het initiatief naar zich toe te trekken en kwam ik in de verdrukking. Uiteindelijk resulteerde dit in pionverlies en kwam er een eindspel op het bord met aan beide zijden toren en paard en 6 zwarte pionnen tegenover 5 witte. Ik wist echter complicaties in de stelling aan te brengen waar zwart niet adequaat op reageerde. Hierdoor verzwakte de zwarte pionnenstructuur, kreeg ik de overhand en kwam ik een pion voor te staan. Ik had duidelijk de beter stelling en in de thuisanalyse liet Fritz zien dat ik op de 67e zet een winst had gemist. Niet veel later kwam de diagramstelling op het bord. Na 74….b2-b1(D) speelde ik enigszins in tijdnood en na enig nadenken 75.Tb7xb1 waarna volgde 75….Kd6xe7 76.Tb2-b5 Ke7-d6 en niet lang daarna berustte ik in de remise. Direct na afloop lieten een aantal teamgenoten mij echter zien dat ik met 75.e8(P)+ een gewonnen stelling had kunnen bereiken. Jammer dus van de gemiste winst, maar met de uitslag van 1-7 kunnen wij natuurlijk alleen maar tevreden zijn.


Uitslagen

Messemaker 1847 2 ZSC

7 – 1

1

Erich Karstan NO

1 – 1 regl.

2

Jan Cheung Rick van de Breevaart

1 – 0

3

Frans Bottenberg Martin Krijger

1 – 0

4

Leen de Jong Ben Snethorst

1 – 0

5

Kees Brinkers Sebastiaan Koedoot

½ – ½

6

Bernard Evengroen Sjaak Spiegels

1 – 0

7

Leslie Tjoo Joost van Eenennaam

½ – ½

8

Wouter Schönwetter Filip Borst

1 – 0

De thuiswedstrijd van het 4e team tegen het 1e team van Ridderkerk eindigde in een verlies. Het eindigde met twee borden winst en twee met remise voor ons team. Deze uitslag van 3-5 was toch wel een beetje te verwachten. Ridderkerk staat op de 2e plaats en heeft alleen nog maar verloren van WSV2 uit Waddinxveen dat bovenaan staat.
Bij een club met 1 team in de competitie kun je een paar sterke tegenstanders verwachten en dat kwam ook zo uit: de eerste drie spelers hebben een rating dik boven de 1700. De speler aan het eerste bord zelfs 1850!Lees verder

De opstelling was een verrassing, de uitslag was dat niet. Charlois Europoort 2 bleek in de laatste KNSB-wedstrijd van 2017 met een gemiddeld ratingoverwicht van ruim 100 punten een maatje te groot voor ons. Jan zorgde voor het positieve element deze middag door als enige zijn partij tot winst te voeren. Een modelpartij, waarin hij demonstreerde hoe je met wit het Konings-Indisch moet aanpakken. Degelijke remise vielen te noteren voor Leen, Henk (aan bord 2!) en Erich. De overige spelers van Messemaker moesten na kortere of langere tijd een nul incasseren, waardoor aan het eind van de middag een 2½ – 5½ nederlaag op het scoreformulier kon worden genoteerd. We zijn nu over de helft van dit competitieseizoen en Messemaker 2 verkeert overduidelijk in de gevarenzone. Met slechts 1 matchpunt uit 5 wedstrijden is een voorlaatste plaats ons deel. Er is dus werk aan de winkel voor Messemaker 2 in 2018!

Partijfragmenten met toelichting van de spelers


Bernard Evengroen – Lendert van den Ouden: 0 – 1

Mijn tegenstander speelde Caro-Kann. De ontwikkeling ging prima, maar al snel daarna ging het mis. In de 10 zetten na de ontwikkeling heb ik 5 mindere of slechte zetten gespeeld. Behalve de tactische fouten, had ik een stuk actiever kunnen spelen. Nadat ik een paar zetten later ook nog een kwaliteit cadeau gaf, had ik ook op kunnen geven. Na nog even gesparteld te hebben, deed ik dit alsnog.


Henk de Kleijnen – John Leer: ½ – ½ (tussenstand ½ – 1½)

Aardige ‘verrassingsopstelling’, bedacht door onze teamleider. Aan het tweede bord tegen de koploper en tegenover de ongeslagen John Leer (elo hoog 2000, TPR dik 2100). Dat prikkelt. Niemand mag het me euvel duiden dat ik het rustig aan deed. Dat resulteerde in een puntendeling na 30 zetten. In eerste instantie nam mijn opponent een vredesaanbod niet aan, maar met nog slechts enkele minuten op de klok (zelf beschikte ik nog over bijna een uur) bood de Charloisspeler zelf alsnog remise aan. Dat gebeurde in de diagramstelling. De stelling is volledig in evenwicht. De zwarte ‘vrijpion’ op c4, gestuit door het almachtige paard op c3, is geen enkel gevaar. Ik had dan ook geen reden om het voorstel niet te accepteren.


Jan Cheung – Filip Borst: 1 – 0 (1½ – 1½)

Stelling na 6….Pc6-e7

Zwart heeft 2 dreigingen: 1) f7-f5 en 2) wits actieve loper af te ruilen door middel van Lg7-h6. Zonder de loper op e3 mist de witte stelling samenhang van stukken met pionnen en zit wit opgezadeld met een slechte witveldige loper. In de partij verhindert wit het laatstgenoemde plan. 7.g2-g4! Pg8-f6?! Een kritiek moment. Hoe kan zwart tegenspel creëren? Er is maar 1 manier en dat is f7-f5. Na 7….f5 8.gxf5 gxf5 9.Dh5+ heeft zwart 2 mogelijkheden.
1) 9….Kf8!? Zwart geeft de rokade op, maar daar tegenover staat dat de witte dame op h5 straks met Pg8-f6 verjaagd kan worden.
2) 9….Pg6!? 10.exf5 Dh4! Deze zet, die de zwartspeler had gemist, geeft zwart het tegenspel ten koste van een pion.
8.f2-f3 0-0 Weer een kritiek moment. Zwart dreigt nu met Pf6-d7 of Pf6-e8 tegenspel te creëren met f7-f5. Kan wit
dit verhinderen? 9.h2-h4! Het kan niet verhinderd worden, maar wel onaantrekkelijk gemaakt worden. 9….Pf6-d7 Op 9….h5 volgt 10.Lh3 of 10.g5. De witte koningsaanval is dan verhinderd, maar ook f7-f5 is niet meer mogelijk. In deze structuur heeft zwart moeite om tegenspel te creëren. 10.h4-h5 f7-f5 11.h5xg6 h7xg6 12.g4xf5 g6xf5 Er is een bekende structuur uit het Konings-Indisch ontstaan, met 1 verschil, namelijk dat de pionnen op h2 en h7 ontbreken. In de partij wist wit optimaal gebruik te maken van het verschil. 13.Lf1-h3! Zowel de witveldige loper als het paard op g1 kunnen naar het veld e6. 13….Pd7-f6 Mist de laatste kans op enig tegenspel in een al moeilijke stelling met 13….a6 14.De2 b5! Initiatief is hier belangrijker dan materiaal. 14.Dd1-e2 Met een krachtig initiatief. Wit wist de partij te winnen door de dame op h2 neer te zetten.


Kees van Drunen – Leen de Jong: ½ – ½ (2 – 2)

Stelling na de 29e zet van zwart

Spelend met zwart kwam er een langzaam systeem op het bord, waarbij de ontwikkeling van de zwarte loper op witte velden moeizaam is. het doel van wit om hiervan te profiteren ging ergens niet helemaal goed. Zie de eindstand na de 29e zet van zwart inclusief een remiseaanbod. Met nog 2 minuten voor wit en 4 minuten voor zwart om nog 10 zetten te moeten doen, was aannemen een verstandige keus. Voor de witte druk op de c- lijn en het sterke paard op f4, heeft zwart voldoende tegenwicht. Zijn paard kan rustig omspelen naar g5, e6 of zelfs c4, terwijl de pion op h4 ten alle tijde de h- lijn kan openen. Of er succes was te behalen, is zelfs achteraf niet te constateren. Na lange tijd iets in de plus te hebben gestaan, gaf de computer nu een wat mindere score voor wit aan. Wel tevreden over mijn spel tegen een sterke tegenstander, echter ontevreden hoe ik weer in een voor mij te onbekende opening (dus tijdrovend) terecht kwam.


Hans Uitenbroek – Frans Bottenberg: 1 – 0 (2 – 3)

Stelling na 22.De2-h5

Hier maakte ik een positionele fout door (te vroeg) 22….Ld7xb5 te spelen. Beter was 22….Txf1+ 23.Txf1 Tf8 24.Txf8+ Lxf8 25.Df3 Lc5 26.Df4 en nu wel 26….Lxb5 met gelijke kansen. In de partij volgde 23.a4xb5 Tf8xf1+ 24.Ta1xf1 Ta8-f8 25.Tf1-e1! met voordeel voor wit door de beheersing van de witte velden en de zwakte van pion e6. Na 25….Lc5-f2 vergrootte wit zijn voordeel met 26.Dh5-g6! en na 26….Tf8-f7 27.Te1-d1 Lf2-h4? 28.c3-c4! stortte de zwarte stelling snel in.


Kees Brinkers – Marcel Schroer: 0 – 1 (2 – 4)

Stelling na 32….Te8-e7

Na een partij waarin beide spelers kansen op voordeel hebben gemist is de tweesnijdende diagramstelling ontstaan met wit aan zet. Met nog zo’n 2 minuten resterende bedenktijd is het lastig hier de juiste voortzetting te vinden. 33.Lh6 faalt op 33….Dd1! en de stukken kunnen in de doos. Ik speelde in de diagramstelling na lang nadenken 33.Tg3-d3? om Dd1 te voorkomen. Hierna is het snel uit. De enige reddende zet voor wit is 33.Te3. Ik speelde dit niet omdat zwart na 33….Dd4 34.T1xe2 Dd1+ 35.Te1? Dxe1+ 36.Txe1 Txe1+ 37.Kh2 Txc1 een gewonnen stelling heeft. Wit moet echter volgens de computer 35.Kh2! spelen, waarna 35….Txe3 36.Txe3 Dxc1 37.Tg3 tot een stelling leidt waarin wit remise door eeuwig schaak kan houden. In de partij volgde 33….Dd5-e4 34.Dg6-g3 Tb8-e8 35.Lc1-h6? (ook andere zetten verliezen, maar nu valt het doek direct) 35….h5-h4! Wit gaat nu ook nog een stuk verliezen. Voor dit probleem wist ik niet zo snel een oplossing te bedenken, waardoor ik de bedenktijd overschreed.


Arjen Kouwenhoven – Erich Karstan:  ½ – ½ (2½ – 4½)

Stelling na 2.d2-d4-d3!?

Na 1. e2-e4 Pg8-f6 speelde mijn tegenstander de merkwaardige zet 2. d2-d4-d3!? Hij zette eerst zijn d-pion op d4, besefte toen dat e4 gewoon instond en schoof deze pion toen in één vloeiende beweging terug naar d3. Na: 2. …. e7-e5  3. Pg1-f3 Pb8-c6  4. Lf1-e2 d7-d5  5. Pb1-d2 Lf8-e7  6. c2-c3 0-0  7. Dd1-c2 kwam er een Witte Leeuw op het bord. Het werd een zware manoeuvreerpartij, waarin pas op de negentiende zet een pion werd geruild. Het evenwicht werd nergens echt verbroken en op de 41e zet werd het remise door een zetherhaling.


Kresna Soerjadi – Wouter Schönwetter: 1 – 0 (2½ – 5½)

Ik was net op tijd aanwezig voor de wedstrijd tegen Charlois Europoort 2. Wellicht een goed voornemen voor 2018 om wat ruimer van tevoren aanwezig te zijn voor de partij. Mijn tegenstander was ook aan de late kant en kwam 15 minuten later binnen. Ik speelde met zwart de versnelde draak en mijn tegenstander speelde erg vroeg e5, waardoor er een interessante stelling op het bord kwam. Dit kostte ons beiden erg veel bedenktijd. Ik kwam desondanks goed uit de opening en in het middenspel had ik het gevoel dat ik iets beter stond. Mijn tegenstander ruilde een aantal stukken af, waardoor we in het eindspel van de diagramstelling kwamen. De tussenstand en de stellingen op de andere borden verplichtte mij om op winst te spelen, dus besloot ik iets te forceren. Dit had ik achteraf gezien beter niet kunnen doen, want ik verzwakte alleen maar mijn eigen stelling, wat vaker gebeurt als je iets wilt forceren. Nadat ik ook nog in de tijdnoodfase een paar slechte zetten speelde, was het pleit beslecht.


Uitslagen

Messemaker 1847 2 Charlois Europoort 2

2½-5½

1

Leen de Jong Kees van Drunen

½ – ½

2

Henk de Kleijnen John Leer

½ – ½

3

Frans Bottenberg Hans Uitenbroek

0 – 1

4

Bernard Evengroen Lendert van den Ouden

0 – 1

5

Wouter Schönwetter Kresna Soerjadi

0 – 1

6

Kees Brinkers Marcel Schroer

0 – 1

7

Erich Karstan Arjen Kouwenhoven

½ – ½

8

Jan Cheung Filip Borst

1 – 0

Voor de derde uitwedstrijd van dit seizoen moesten we naar Dordrecht. Ruud was ziek en werd vervangen door Minas. De schaakclub met de prachtige naam “De Willige Dame”, was voor ons team te sterk. Alleen de enige dame in ons gezelschap wist haar partij te winnen. Remise was er voor Wibo en Jasper, zodat de uitslag 6-2 werd in ons nadeel.Lees verder

Aan de ontvangst lag het niet. Bij de speelzaal van Sliedrecht werden we welkom geheten door een Piet die met zijn trompet een aantal sinterklaaswijsjes ten gehore bracht. De koffie, de broodjes, de taai-taai en de Belgische biertjes waren ook allemaal prima in orde. Niettemin beleefde ons team een complete offday in de match tegen Sliedrecht 2. Kees zag in zijn partij het venijnige zetje e5-e6! over het hoofd, waarmee de partij meteen beslist was. Henk overzag in een combinatie waarmee hij de volle winst verwachtte binnen te halen een vervelend tussenschaakje waarmee zijn stelling direct hopeloos werd. Bernard wierp – in een min of meer gelijke stelling – zijn tegenstander een kwaliteit in de schoot, waarmee ook zijn lot feitelijk was bezegeld. Dramatisch was het verloop van de partij van Jan. Na een voor beide spelers zeer lastige middenspelfase, wist Jan in het eindspel langzaam maar zeker een potentieel winnend voordeel te bereiken. Helaas zag hij de zet die meteen tot winst zou voeren over het hoofd, waarna de partij weer in remise-vaarwater terecht kwam. Een kostbare blunder in de laatste fase van de partij bracht de overwinning alsnog bij de tegenpartij.

Erich, Leen en Frans wisten met de witte stukken in hun partijen geen enkel voordeel te behalen. Alleen Wouter onttrok zich aan de algehele malaise door al in de opening met doortastend spel groot voordeel te bereiken en dit vervolgens uit te bouwen tot een overtuigende overwinning.

Al met al leidde dit tot teleurstellende een 2½ – 5½ nederlaag. We hebben wat recht te zetten in de volgende ronde tegen Charlois Europoort 2. Gelukkig is dat dan weer een thuiswedstrijd.

Partijfragmenten met toelichting van de spelers


Erich Karstan – Wout Boer: ½ – ½

Stelling na de 18e zet van zwart

Ik had de opening wat ongelukkig gespeeld, veel bedenktijd verbruikt en met wit geen enkel voordeel weten te behalen. in de diagramstelling werden via de open d-lijn alle zware stukken geruild. 19.De2-c4 Tc8-d8 (Op 19….Lb4 volgt: 20.Td3 Td8 21.Ted1) 20.Td1xd8 Dc7xd8 21.Te1-d1 Te6-d6 22.Td1xd6 Dd8xd6 23.Dc4-d3 Pf6-d7. Zwart kon nog wat proberen met: 23….Dxd3 24.cxd3 Pd7 25.Kf1 Lb4 26.Ke2 Pc5 27.Lxc5 Lxc5. Nu werd na 24.Dd3xd6 Lf8xd6 direct de vrede getekend.


Wim Hokken – Kees Brinkers: 1 – 0 (tussenstand ½ – 1½)

Stelling na 21….Kg8-h8?

Het was al lastig voor zwart, maar na 21….Kh8? heeft wit beslissend voordeel. Veel beter was 21….Kh7, wat ik oorspronkelijk van plan was. Het is mij nu een raadsel waarom ik deze veel betere zet niet heb gespeeld. Ook dan blijft wit in het voordeel. Vooral omdat zwart niets kan ondernemen en lijdzaam moet afwachten hoe wit zijn stelling verder versterkt. Direct na het uitvoeren van mijn 21e zet zag ik hoe wit hiervan kon profiteren. Helaas net iets te laat. Er volgde 22.e5-e6! (In mijn vorige KNSB-partij zag ik de zet e5-e6 ook al niet aankomen. Ik beloof vanaf heden hier beter op te letten) Dd7-c8 ( 22….fxe6 kost een stuk vanwege 23.Txg6) 23.Lxb6 cxb6 24.Pd4-f5! (met matdreiging op g7) Te8-g8 25.Pf5xh6 Kh8-h7 26.Ph6xg8 Kh7xg8 27.h2-h4! Dc8-d8 28.e6xf7+ Kg8xf7 29.h4-h5 Zwart geeft op. Wits mataanval kost have en goed.


Andrew Mensing – Henk de Kleijnen: 1 – 0 (½ – 2½)

Stelling na 13.Le2

De witspeler gaf na afloop zelf aan dat hij de opening slecht behandelde. Dat kostte hem zeeën van tijd, maar in de diagramstelling is na 13. Le2 de schade beperkt. Hier ging ik diep in de ‘denktank’ en dacht ‘de Combinatie van de Eeuw’ te zien. Er volgde: 13….Pg6xe5?! 14.Pf3xe5 Pc6xe5 15.d3-d4 c5xd4 16.c3xd4.

Stelling na 16.c3xd4

Nu dacht ik met 16….Lf8-b4 de winst binnen te halen. Na 17.Dxb4 volgt namelijk 17….Dc1+ 18.Ld1 (geforceerd) Pd3+ met damewinst. Er volgde echter 17.Le2-b5+!!  en het feestje ging niet door. Na het gespeelde 17….Lc8-d7 (beter is er echt niet) volgde 18.Dd2xb4 Dc7-c1+ 19.Ke1-e2 Dc1-c2+ 20.Pb1-d2 Pe5-c6 21.Lb5xc6 Ld7xc6 bleef wit een stuk tegen een pion voor. Er volgde een worsteling tot de 44e zet, maar de 1-0 was onafwendbaar.


Leen de Jong – Teunis den Rooijen: ½ – ½ (1 – 3)

Slotstelling

Met wit spelend kwam er een variant op het bord, waar ik geen goed plan kon verzinnen. Een tijdrovende beslissing was zet negen waar ik 9.Lf4 speelde in plaats van 9.f4. In beide volgens de in de database gevonden zo gespeelde partijen won zwart. In het vervolg had zwart met succes zowel b5 als d5 door kunnen zetten. Zet 20 tot 24 gingen in 5 minuten en na zet 25 hadden we allebei nog 10 minuten op de klok. Vrezend voor fouten in tijdnood en in de erkenning dat zwart lange tijd het betere van het spel had, deed ik vermoeid een tactisch remiseaanbod, welke tot mijn verbazing direct werd geaccepteerd (een weigering geeft uiteraard extra druk). Ook mijn tegenstander voelde zich nu terecht wat onzeker. Zoals Jan (2e bord) na afloop ook meteen noemde moet wit het zoeken in koningsaanval. Door teveel energie te vergen, in de opening kwam ik niet meer op het idee f2-f4-f5. Bij het naspelen gaf de computer lang tijd een waardering van -0.50 tot -0.80, terwijl dat in mijn beleving achter het bord als veel erger aanvoelde.  Voor het eerst geeft de computer ook een plus en dan een angstig remise.


Wouter Schönwetter – William Gijsen: 1 – 0 (2 – 3)

Stelling na 21….Lc8-b7

Ik kwam erg goed uit de opening en nam meteen het initiatief in de partij wat resulteerde in terreinwinst. Met een aanval dwars door het centrum, zorgde ik ervoor dat de zwarte koning gevaarlijk in het midden van het bord bleef. Door de druk van mijn actieve stukken, kon mijn tegenstander tevens zijn stukken niet ontwikkelen. Het was een kwestie van tijd tot dit in materiaalwinst zou resulteren. Dit gebeurde in de diagramstelling met: 22.Lf5xh7 Ke8-d8 23.Dg3-g6 Lh6-f8 24.Pf3-g5 Kd8-c7 25.Pg5-f7 Th8xh7 26.Dg6xh7 Lb7xd5. Na 27.Tf1-f5 won ik nog een stuk, waarna de partij nog even voortkabbelde, maar uiteindelijk kon ik het punt binnenhalen.


Adrian Mensing – Bernard Evengroen: 1 – 0 (2 – 4)

Stelling na de 18e zet van wit

Ik kwam moeilijk uit een gesloten Siciliaanse opening. In deze stelling had ik net een pion op d4 gewonnen waardoor ik een pion voorstond. Mijn structuur is echter vrij zwak, waardoor wit nog steeds beter staat. Met een zet als 18.…b5 had ik goed tegenspel gehad. In deze stelling maakt ik echter een blunder met 18….Pf5-e7? Wit kon nu een kwaliteit winnen door 19.Lg5xe7 Df7xe7 20.Pf4xg6 De7-f7 21.Pg6xf8. Na een zware aanval op mijn koningsstelling kon ik enigszins weerstand bieden. In het eindspel wat volgde stond ik echter nog steeds een kwaliteit achter wat mij uiteindelijk de kop kostte.


Frans Bottenberg – Jerry van Rekom: ½ – ½ (2½ – 4½)

Stelling na 19….Pf6-e8

Tegen de auteur van ‘De Leeuw’ is het natuurlijk oppassen niet in ‘zijn boek’ terecht te komen. Dat lukte aardig en zwart bood hier remise aan. Maar beter dan in de diagramstelling heb ik de hele partij niet gestaan. Ik heb evenwel niet kunnen profiteren van de passieve zwarte stelling en mijn loperpaar. Zwart deed ‘niets’ en er gingen te veel stukken van het bord, zodat ik dertig zetten later toch in remise moest berusten. In de diagramstelling had ik mijn voordeel kunnen uitbouwen met bijvoorbeeld 20.Tc4 Tf7 21.Tbc1 Ld7 22.Tb4 Lc8 23.h3.


Floris Verweij – Jan Cheung: 1 – 0 (2½ – 5½)

Stelling na 12.Ph3-g5

In dit middenspel worstelen beide partijen met de vraag wanneer het centrum vastgelegd gaat worden. 12….Pc7-e6 (Zwart had op dit moment ruimte nodig door stukken af te ruilen. De spanning handhaven met 12….b4 had het nadeel dat veld c4 verzwakt raakt na 13.Le3 La6 14.Pf4 Lxf1 15.Tdxf1 Dd7 16.De2) 13.Lf4-e3 Pe6xg5 (Hier was 13….b4 ook mogelijk. Na 14.Pxe6 Lxe6 15.Pf4 Lc8 16.e5 Pd5 17.Pxd5 cxd5 18.Lf4 is het centrum vastgelegd en heeft wit makkelijker spel) 14.h4xg5 Pf6-d7 15.f3-f4 (Het alternatief is 15.Pf4 Pb6. Er kan volgen: 16.De1 Pc4 17.Lc1 Db6 18.Dc3 e5! met een ingewikkeld middenspel) 15….Pd7-b6 16.Dd2-e1 Pb6-c4 (Zwart liet hier 16….Lg4 achterwege aangezien f4-f5 toch niet verhinderd kan worden: 17.f5!? gxf5 18.exf5 Pd5 19.Lc1 Lxf5 20.Pg3 en voor de pion heeft wit meer dan voldoende tegenspel) 17.Le3-c1 d6-d5 18.f4-f5! d5xe4 19.f5xg6 f7xg6 20.Pe2-g3 (De stelling is open, de zwarte koning staat in het midden en de verstandigste beslissing is nu de dames af te ruilen) 20….Dd8-d5 21.De1xe4 Dd5xe4 22.Pg3xe4 Lc8-f5 23.Td1-e1! Een zet die zwart voor een moeilijk vraagstuk stelt. Zie diagram.

Stelling na 23.Td1-e1!

Er zijn (te) veel mogelijkheden en steeds staat zwart voor de vraag waar de koning heen moet. Hier besloot zwart tot 23….Lf5xe4, wat na 24.Te1xe4 Pc4-d6 25.Te4-f4 Pd6-f5 26.Lf1-d3 een betere stelling gaf voor wit. In plaats van 23….Lxe4 had zwart nog 2 keuzes:

  1. 23….0-0-0 24.Pg3 Lg4 25.Txe7 Lxd4 26.Lxc4 bxc4, of
  2. 23….Kf7 24.Lxc4+ bxc4 23.Pg3 e6 26.Pxf5 exf5 27.c3

In beide gevallen tot ongeveer gelijk spel. Het verdere verloop van de partij was wisselvallig.


Uitslagen

Messemaker 2 Sliedrecht 2  2½ – 5½

1

Leen de Jong Teunis den Rooijen

½½

2

Jan Cheung Floris Verweij

0 – 1

3

Erich Karstan Wout Boer

½½

4

Kees Brinkers Wim Hokken

0 – 1

5

Frans Bottenberg Jerry van Rekom

½½

6

Bernard Evengroen Adrian Mensing

0 – 1

7

Wouter Schönwetter William Gijsen

1 – 0

8

Henk de Kleijnen Andrew Mensing

0 – 1

De eerste thuiswedstrijd van dit seizoen op 20 november was tegen het tweede team van Nieuwerkerk a/d IJssel. Iedereen kon dit keer meedoen, zodat we op volle sterkte aantraden. Het ging best goed want we boekten 5 winstpartijen en 1 remisie. Hierdoor zullen we ons aardig kunnen handhaven in de middenpositie van de ranglijst. Een behoorlijke snelle winst was er voor Ruud op bord 5. Daarna remisie voor Hans op bord 4 en vervolgens ook winst voor de borden 6 en 7. Inmiddels hadden het 2e en 3e bord hun meerdere moeten erkennen, zodat de stand op dat moment 3,5 tegen 2,5 was. Het 1e en 8e bord moesten de doorslag geven en dat ging goed want zowel Wibo als Jasper gingen met de winst strijken en zo werd de eindstand 5,5 tegen 2,5 voor ons team.

Lees verder

Na twee nederlagen in de eerste twee ronden, kon Messemaker 2 in de derde ronde het eerste wedstrijdpunt van dit seizoen noteren door een 4 – 4 gelijkspel in de thuiswedstrijd tegen HWP Sas van Gent 3. Die uitslag kwam wel met enig fortuin tot stand. Aan het eerste bord overschreed de tegenstander van Leen in min of meer gelijke stelling de tijd en aan het zevende bord kreeg Leslie op de twintigste zet pardoes een stuk cadeau, waarop zijn tegenstander direct opgaf. Aan het tiende bord gaf invalster Annie gedurende lange tijd uitstekend partij tegen haar tegenstander met bijna 600 (!) punten hogere rating. Dat vergde wel veel bedenktijd en dat wreekte zich uiteindelijk. Ook Jan had een sterke tegenstander getroffen en in zijn partij bleek maar weer eens dat in zo’n geval één onnauwkeurigheid fataal kan worden. De partijen van Erich, Frans en Henk eindigden op min of meer regelmatige wijze in remise. Dit bracht de stand op 3½ – 3½. De partij van Kees tegen Etienne van Leeuwen moest de beslissing brengen. Kees had met zwart in het vroege middenspel een kwaliteit gewonnen, zonder dat wit daar enige compensatie tegenover kon stellen. De opgelopen materiële achterstand leek de witspeler echter te inspireren. Met een aantal provocerende zetten wist hij zijn resterende stukken optimaal te activeren en dreigingen tegen de zwarte koning te creëren. De activiteit van de witte stukken bleek uiteindelijk voldoende om de materiële achterstand te compenseren, waardoor ook deze laatste partij in remise eindigde.

Partijfragmenten met toelichting van de spelers


Henk de Kleijnen – Emile Cardon: ½ – ½

Slotstelling

Was ik in de eerste wedstrijd als laatste klaar, nu liet ik met wit spelend als eerste – na ruim twee uur spelen – een resultaat noteren. Ditmaal ‘slechts’ een halfje tegen een degelijke, veel bedenktijd gebruikende en voorzichtig opererende tegenstander. In het vroege middenspel behaalde ik een kleine plus in de vorm van een geïsoleerde zwarte c-pion, maar dat bleek niet voldoende om een vol punt te pakken. Ook Fritz oordeelde gunstig, maar niet meer dan 0.43. De eindstelling rechtvaardigt m.i. een puntendeling. Oordeel zelf.


André Galle – Frans Bottenberg: ½ – ½ (tussenstand: 1 – 1)

Stelling na 18.De7-b4

De laatste zet van wit 18. De7-b4 ging vergezeld van een remiseaanbod. In de veronderstelling dat de stelling in evenwicht was en dat wit vlak daarvoor een kans op voordeel had gemist, nam ik het aanbod aan. Na afloop bleken beide veronderstellingen evenwel onjuist. Zwart staat beter in de slotstelling, na een concreet vervolg 18….e5 (zwart kan ook met bijvoorbeeld 18….Da6 de dames op het bord houden) 19.Dxb6 axb6 20.Lg3 f6 heeft zwart de betere loper en de betere pionnenstructuur. Achteraf vrij eenvoudig te zien, maar tijdens de partij bleek ik niet in staat mijn winstkansen te onderkennen.


Chris Ghysels – Leslie Tjoo: 0 – 1 (2 – 1)

Stelling na de 19e zet van zwart

Met zwart offerde ik in de opening een pion voor aanvalskansen en meer activiteit. Wit verdedigde zich echter nauwkeurig en ik verzuimde de pion terug te winnen toen ik de kans daarvoor kreeg. In de diagramstelling staat wit nog steeds een pion voor en heeft zwart weinig compensatie. Na een zet als 20.Le3 heeft wit de overhand. Mijn tegenstander dacht lang na, maar speelde toen tot mijn verbazing 20.Tf1-d1??. Om na 20….De7xc5 gelijk op te geven. Hij vertelde in de gezamenlijke analyse dat bij de berekeningen van de verschillende varianten hij steeds Td1 wilde spelen, wat hij dus ook deed. Maar hij vergat om eerst 20.Le3 te doen. Soms zit het tegen, soms zit het mee zal ik maar zeggen.


Erich Karstan – Rudi Pauwels: ½ – ½ (2½ – 1½)

Stelling na de 19e zet van wit

Ik had de opening wat ongelukkig gespeeld en mijn stukken op de a-lijn maken een rare indruk. Zwart had hier van kunnen profiteren met 19….Ta8! 20.Txb5 (Gezonder is 20.Tcc1 Ta4 21.Pc3 Pxc3 22.bxc3 Tfa8 met iets beter spel voor zwart) 20….Pb6 21.Pd2 (Vooral niet 21.Tb3? Ld5 22.Ta3 Pc4) 21….Ld5 22.b3 Ta7 en wit zit in de problemen. Zwart speelde echter: 19….b5-b4?! en na: 20. Pa2-c1 Tc8-a8 21.Tc5-a5 werden alle torens via de a-lijn geruild en werd het eindspel snel remise gegeven.


Annie de Jong – Marnix van der Zalm: 0 – 1 (2½ – 2½)


Rudy van de Wynkele – Leen de Jong: 0 – 1 (3½ – 2½)

Met zwart speelde ik de gesloten Siciliaanse opening, met de witte opstelling f4 en Pc3.  Op een flankopmars is een centrumopstoot ‘in dit geval d5’ het aangewezen antwoord. Had ik het hier maar bij gelaten. Door ook nog b5 te doen, stond ik na 14 zetten slecht. Na een fout van wit kwam ik even in het voordeel, maar door 2 keer iets te overzien kwamen de vijandelijke stukken over de witte velden binnen. In het vervolg verbruikten we veel tijd. In een lastige stand voor zwart ging wit op de 35e zet door zijn tijd heen. Een gelukkige onterechte overwinning dus.


Jan Cheung – Marc Lacrosse: 0 – 1 (3½ – 3½)

Stelling na 20…a6-a5

Objectief gezien staat het gelijk. Het witte paard is ongeveer even sterk als de zwarte loper. Toch heeft zwart een klein succesje geboekt in de zin dat wit moeilijk c6-c5 kan verhinderen. Als zwart erin slaagt om c6-c5 te spelen, dan wordt de loper sterker dan het paard. 21.De3-c3 a5-a4 22.e2-e4 Dd8-b6 23.Pg2-e3 Tf8-d8 24.Ta1-c1 h7-h5 25.h2-h4 Le7-f6 26.e4-e5 Lf6-e7 Nu mist wit een belangrijke kans om het zwarte tegenspel uit te stellen door de dame op het ideale veld e4 te zetten: 27.Dd3. In de partij volgde 27.Tc1-c2 Db6-b7 28.Dc3-d3 c6-c5 29.d4-d5 c5-c4 30.Dd3-d2. Aangewezen was 30.De2 exd5 31.Df3! om het evenwicht te behouden. Nu volgde 30….Le7-c5 Het witte centrum stortte in elkaar en zwart won uiteindelijk de partij.


Etienne van Leeuwen – Kees Brinkers: ½ – ½ (4 – 4)

Stelling na 27.Pb3-d4!?

Zwart heeft een kwaliteit buitgemaakt en bij rustige voortzetting van de partij is dat waarschijnlijk wel voldoende voor de winst. Om complicaties te scheppen heeft mijn tegenstander daarom in de diagramstelling de provocerende – en objectief gezien niet de beste – zet 27.Pb3-d4!? gespeeld. Ta4 staat aangevallen en bovendien is 28.Pc6 een dreiging. Na het kalme 27….Ta6 28.Pf3 had ik het voordeel kunnen consolideren, maar ik meende een nog betere mogelijkheid te zien: 27…..De7-d7? vanuit de redenering dat wit nu gedwongen is het paard naar e2 te spelen, omdat op 28.Pf3 Txf4 volgt. Wit heeft echter veel beter, namelijk: 28.e5-e6! Er volgde 28….f7xe6 29.Pd4xe6 Het paard is taboe omdat Ta4 nog steeds hangt. Ik zag niets beters dan 29….Ta4-e4 waarop volgde 30.Pe6-g5 Te4-e8 31.f4-f5! Zwart heeft nog steeds voordeel, waarschijnlijk winnend voordeel, maar het initiatief is op wit overgegaan. In het vervolg van de partij, die nog tot de 49e zet duurde, waren er volgens de computeranalyse nog vele mogelijkheden voor mij geweest om de partij in mijn voordeel te beslissen. Die mogelijkheden bleken echter niet aan mij besteed, waaruit maar weer eens bleek dat het schaakspel eigenlijk veel te moeilijk voor mij is. De winst had ons een extra matchpunt opgeleverd. Mea culpa!

De computer geeft overigens aan dat de sterkste voortzetting voor zwart in de diagramstelling 27….cxd4! is. Na 28.Dxa4 dxc3 wint zwart met zijn verbonden vrijpionnen, bijvoorbeeld 29.Dc6 Da7+ 30.Kh1 Df2! 31.Tg1 d4 en de zwarte pionnen zijn niet te stuiten.


Uitslagen

Messemaker 1847 2 HWP Sas van Gent 3

4 – 4

1 Leen de Jong Rudy van de Wynkele

1 – 0

2 Jan Cheung Marc Lacrosse

0 – 1

3 Kees Brinkers Etienne van Leeuwen

½ – ½

4 Erich Karstan Rudi Pauwels

½ – ½

5 Frans Bottenberg André Galle

½ – ½

6 Henk de Kleijnen Emile Cardon

½ – ½

7 Leslie Tjoo Chris Ghysels

1 – 0

8 Annie de Jong Marnix van der Zalm

0 – 1

De eerste RSB wedstrijd van dit nieuwe seizoen begon met vier invallers. Erwin Olie, Hans Krol en Minas en David Avesissian gingen als invallers mee naar Waddinxveen om het daar op te nemen tegen het 2e team van deze club.
Wij verloren de wedstrijd. Alleen Annie de Jong en Eduard Dame wonnen hun partij, terwijl Minas Avedissian remise speelde. De overige spelers moesten hun meerdere erkennen in de spelers van WSV 2.

Eelko de Groot – Wim van der Hoek: 0 – 1

Mijn partij op bord 1 liep niet zo als ik wilde. Wim speelde gedegen en liet geen steekje vallen.

Kees van Wensveen – Derek Zuurmond: 0 – 1

Ik speelde met wit aan de 7e bord tegen Derek Zuurmond.
Al snel in de partij verloor ik door onoplettendheid een pion en dat kwam niet meer goed.
Derek speelde het verder goed uit en hield in het eindspel precies de pion voorsprong over. Dat was voldoende om deze pion te laten promoveren, maar dat heb ik niet afgewacht en heb de partij na 41 zetten opgegeven.

 

Uitslagen

Messemaker 1847 4 WSV 2
1.  Eelko de Groot Wim van der Hoek 0 – 1
2.  Minas Avedissian Nico Dannis ½ – ½
3.  Eduard Dame Albert Prins 1 – 0
4. Erwin Olie Rene Kleiweg 0 – 1
5. Annie de Jong Jan van der Born 1 – 0
6. Hans Krol John van Nieuwkerke 0 – 1
7. Kees van Wensveen Derek Zuurmond 0 – 1
8. David Avedissian Henk Erkelens 0 – 1

 


Stand in klasse 3B