Aan de ontvangst lag het niet. Bij de speelzaal van Sliedrecht werden we welkom geheten door een Piet die met zijn trompet een aantal sinterklaaswijsjes ten gehore bracht. De koffie, de broodjes, de taai-taai en de Belgische biertjes waren ook allemaal prima in orde. Niettemin beleefde ons team een complete offday in de match tegen Sliedrecht 2. Kees zag in zijn partij het venijnige zetje e5-e6! over het hoofd, waarmee de partij meteen beslist was. Henk overzag in een combinatie waarmee hij de volle winst verwachtte binnen te halen een vervelend tussenschaakje waarmee zijn stelling direct hopeloos werd. Bernard wierp – in een min of meer gelijke stelling – zijn tegenstander een kwaliteit in de schoot, waarmee ook zijn lot feitelijk was bezegeld. Dramatisch was het verloop van de partij van Jan. Na een voor beide spelers zeer lastige middenspelfase, wist Jan in het eindspel langzaam maar zeker een potentieel winnend voordeel te bereiken. Helaas zag hij de zet die meteen tot winst zou voeren over het hoofd, waarna de partij weer in remise-vaarwater terecht kwam. Een kostbare blunder in de laatste fase van de partij bracht de overwinning alsnog bij de tegenpartij.

Erich, Leen en Frans wisten met de witte stukken in hun partijen geen enkel voordeel te behalen. Alleen Wouter onttrok zich aan de algehele malaise door al in de opening met doortastend spel groot voordeel te bereiken en dit vervolgens uit te bouwen tot een overtuigende overwinning.

Al met al leidde dit tot teleurstellende een 2½ – 5½ nederlaag. We hebben wat recht te zetten in de volgende ronde tegen Charlois Europoort 2. Gelukkig is dat dan weer een thuiswedstrijd.

Partijfragmenten met toelichting van de spelers


Erich Karstan – Wout Boer: ½ – ½

Stelling na de 18e zet van zwart

Ik had de opening wat ongelukkig gespeeld, veel bedenktijd verbruikt en met wit geen enkel voordeel weten te behalen. in de diagramstelling werden via de open d-lijn alle zware stukken geruild. 19.De2-c4 Tc8-d8 (Op 19….Lb4 volgt: 20.Td3 Td8 21.Ted1) 20.Td1xd8 Dc7xd8 21.Te1-d1 Te6-d6 22.Td1xd6 Dd8xd6 23.Dc4-d3 Pf6-d7. Zwart kon nog wat proberen met: 23….Dxd3 24.cxd3 Pd7 25.Kf1 Lb4 26.Ke2 Pc5 27.Lxc5 Lxc5. Nu werd na 24.Dd3xd6 Lf8xd6 direct de vrede getekend.


Wim Hokken – Kees Brinkers: 1 – 0 (tussenstand ½ – 1½)

Stelling na 21….Kg8-h8?

Het was al lastig voor zwart, maar na 21….Kh8? heeft wit beslissend voordeel. Veel beter was 21….Kh7, wat ik oorspronkelijk van plan was. Het is mij nu een raadsel waarom ik deze veel betere zet niet heb gespeeld. Ook dan blijft wit in het voordeel. Vooral omdat zwart niets kan ondernemen en lijdzaam moet afwachten hoe wit zijn stelling verder versterkt. Direct na het uitvoeren van mijn 21e zet zag ik hoe wit hiervan kon profiteren. Helaas net iets te laat. Er volgde 22.e5-e6! (In mijn vorige KNSB-partij zag ik de zet e5-e6 ook al niet aankomen. Ik beloof vanaf heden hier beter op te letten) Dd7-c8 ( 22….fxe6 kost een stuk vanwege 23.Txg6) 23.Lxb6 cxb6 24.Pd4-f5! (met matdreiging op g7) Te8-g8 25.Pf5xh6 Kh8-h7 26.Ph6xg8 Kh7xg8 27.h2-h4! Dc8-d8 28.e6xf7+ Kg8xf7 29.h4-h5 Zwart geeft op. Wits mataanval kost have en goed.


Andrew Mensing – Henk de Kleijnen: 1 – 0 (½ – 2½)

Stelling na 13.Le2

De witspeler gaf na afloop zelf aan dat hij de opening slecht behandelde. Dat kostte hem zeeën van tijd, maar in de diagramstelling is na 13. Le2 de schade beperkt. Hier ging ik diep in de ‘denktank’ en dacht ‘de Combinatie van de Eeuw’ te zien. Er volgde: 13….Pg6xe5?! 14.Pf3xe5 Pc6xe5 15.d3-d4 c5xd4 16.c3xd4.

Stelling na 16.c3xd4

Nu dacht ik met 16….Lf8-b4 de winst binnen te halen. Na 17.Dxb4 volgt namelijk 17….Dc1+ 18.Ld1 (geforceerd) Pd3+ met damewinst. Er volgde echter 17.Le2-b5+!!  en het feestje ging niet door. Na het gespeelde 17….Lc8-d7 (beter is er echt niet) volgde 18.Dd2xb4 Dc7-c1+ 19.Ke1-e2 Dc1-c2+ 20.Pb1-d2 Pe5-c6 21.Lb5xc6 Ld7xc6 bleef wit een stuk tegen een pion voor. Er volgde een worsteling tot de 44e zet, maar de 1-0 was onafwendbaar.


Leen de Jong – Teunis den Rooijen: ½ – ½ (1 – 3)

Slotstelling

Met wit spelend kwam er een variant op het bord, waar ik geen goed plan kon verzinnen. Een tijdrovende beslissing was zet negen waar ik 9.Lf4 speelde in plaats van 9.f4. In beide volgens de in de database gevonden zo gespeelde partijen won zwart. In het vervolg had zwart met succes zowel b5 als d5 door kunnen zetten. Zet 20 tot 24 gingen in 5 minuten en na zet 25 hadden we allebei nog 10 minuten op de klok. Vrezend voor fouten in tijdnood en in de erkenning dat zwart lange tijd het betere van het spel had, deed ik vermoeid een tactisch remiseaanbod, welke tot mijn verbazing direct werd geaccepteerd (een weigering geeft uiteraard extra druk). Ook mijn tegenstander voelde zich nu terecht wat onzeker. Zoals Jan (2e bord) na afloop ook meteen noemde moet wit het zoeken in koningsaanval. Door teveel energie te vergen, in de opening kwam ik niet meer op het idee f2-f4-f5. Bij het naspelen gaf de computer lang tijd een waardering van -0.50 tot -0.80, terwijl dat in mijn beleving achter het bord als veel erger aanvoelde.  Voor het eerst geeft de computer ook een plus en dan een angstig remise.


Wouter Schönwetter – William Gijsen: 1 – 0 (2 – 3)

Stelling na 21….Lc8-b7

Ik kwam erg goed uit de opening en nam meteen het initiatief in de partij wat resulteerde in terreinwinst. Met een aanval dwars door het centrum, zorgde ik ervoor dat de zwarte koning gevaarlijk in het midden van het bord bleef. Door de druk van mijn actieve stukken, kon mijn tegenstander tevens zijn stukken niet ontwikkelen. Het was een kwestie van tijd tot dit in materiaalwinst zou resulteren. Dit gebeurde in de diagramstelling met: 22.Lf5xh7 Ke8-d8 23.Dg3-g6 Lh6-f8 24.Pf3-g5 Kd8-c7 25.Pg5-f7 Th8xh7 26.Dg6xh7 Lb7xd5. Na 27.Tf1-f5 won ik nog een stuk, waarna de partij nog even voortkabbelde, maar uiteindelijk kon ik het punt binnenhalen.


Adrian Mensing – Bernard Evengroen: 1 – 0 (2 – 4)

Stelling na de 18e zet van wit

Ik kwam moeilijk uit een gesloten Siciliaanse opening. In deze stelling had ik net een pion op d4 gewonnen waardoor ik een pion voorstond. Mijn structuur is echter vrij zwak, waardoor wit nog steeds beter staat. Met een zet als 18.…b5 had ik goed tegenspel gehad. In deze stelling maakt ik echter een blunder met 18….Pf5-e7? Wit kon nu een kwaliteit winnen door 19.Lg5xe7 Df7xe7 20.Pf4xg6 De7-f7 21.Pg6xf8. Na een zware aanval op mijn koningsstelling kon ik enigszins weerstand bieden. In het eindspel wat volgde stond ik echter nog steeds een kwaliteit achter wat mij uiteindelijk de kop kostte.


Frans Bottenberg – Jerry van Rekom: ½ – ½ (2½ – 4½)

Stelling na 19….Pf6-e8

Tegen de auteur van ‘De Leeuw’ is het natuurlijk oppassen niet in ‘zijn boek’ terecht te komen. Dat lukte aardig en zwart bood hier remise aan. Maar beter dan in de diagramstelling heb ik de hele partij niet gestaan. Ik heb evenwel niet kunnen profiteren van de passieve zwarte stelling en mijn loperpaar. Zwart deed ‘niets’ en er gingen te veel stukken van het bord, zodat ik dertig zetten later toch in remise moest berusten. In de diagramstelling had ik mijn voordeel kunnen uitbouwen met bijvoorbeeld 20.Tc4 Tf7 21.Tbc1 Ld7 22.Tb4 Lc8 23.h3.


Floris Verweij – Jan Cheung: 1 – 0 (2½ – 5½)

Stelling na 12.Ph3-g5

In dit middenspel worstelen beide partijen met de vraag wanneer het centrum vastgelegd gaat worden. 12….Pc7-e6 (Zwart had op dit moment ruimte nodig door stukken af te ruilen. De spanning handhaven met 12….b4 had het nadeel dat veld c4 verzwakt raakt na 13.Le3 La6 14.Pf4 Lxf1 15.Tdxf1 Dd7 16.De2) 13.Lf4-e3 Pe6xg5 (Hier was 13….b4 ook mogelijk. Na 14.Pxe6 Lxe6 15.Pf4 Lc8 16.e5 Pd5 17.Pxd5 cxd5 18.Lf4 is het centrum vastgelegd en heeft wit makkelijker spel) 14.h4xg5 Pf6-d7 15.f3-f4 (Het alternatief is 15.Pf4 Pb6. Er kan volgen: 16.De1 Pc4 17.Lc1 Db6 18.Dc3 e5! met een ingewikkeld middenspel) 15….Pd7-b6 16.Dd2-e1 Pb6-c4 (Zwart liet hier 16….Lg4 achterwege aangezien f4-f5 toch niet verhinderd kan worden: 17.f5!? gxf5 18.exf5 Pd5 19.Lc1 Lxf5 20.Pg3 en voor de pion heeft wit meer dan voldoende tegenspel) 17.Le3-c1 d6-d5 18.f4-f5! d5xe4 19.f5xg6 f7xg6 20.Pe2-g3 (De stelling is open, de zwarte koning staat in het midden en de verstandigste beslissing is nu de dames af te ruilen) 20….Dd8-d5 21.De1xe4 Dd5xe4 22.Pg3xe4 Lc8-f5 23.Td1-e1! Een zet die zwart voor een moeilijk vraagstuk stelt. Zie diagram.

Stelling na 23.Td1-e1!

Er zijn (te) veel mogelijkheden en steeds staat zwart voor de vraag waar de koning heen moet. Hier besloot zwart tot 23….Lf5xe4, wat na 24.Te1xe4 Pc4-d6 25.Te4-f4 Pd6-f5 26.Lf1-d3 een betere stelling gaf voor wit. In plaats van 23….Lxe4 had zwart nog 2 keuzes:

  1. 23….0-0-0 24.Pg3 Lg4 25.Txe7 Lxd4 26.Lxc4 bxc4, of
  2. 23….Kf7 24.Lxc4+ bxc4 23.Pg3 e6 26.Pxf5 exf5 27.c3

In beide gevallen tot ongeveer gelijk spel. Het verdere verloop van de partij was wisselvallig.


Uitslagen

Messemaker 2 Sliedrecht 2  2½ – 5½

1

Leen de Jong Teunis den Rooijen

½½

2

Jan Cheung Floris Verweij

0 – 1

3

Erich Karstan Wout Boer

½½

4

Kees Brinkers Wim Hokken

0 – 1

5

Frans Bottenberg Jerry van Rekom

½½

6

Bernard Evengroen Adrian Mensing

0 – 1

7

Wouter Schönwetter William Gijsen

1 – 0

8

Henk de Kleijnen Andrew Mensing

0 – 1

De eerste thuiswedstrijd van dit seizoen op 20 november was tegen het tweede team van Nieuwerkerk a/d IJssel. Iedereen kon dit keer meedoen, zodat we op volle sterkte aantraden. Het ging best goed want we boekten 5 winstpartijen en 1 remisie. Hierdoor zullen we ons aardig kunnen handhaven in de middenpositie van de ranglijst. Een behoorlijke snelle winst was er voor Ruud op bord 5. Daarna remisie voor Hans op bord 4 en vervolgens ook winst voor de borden 6 en 7. Inmiddels hadden het 2e en 3e bord hun meerdere moeten erkennen, zodat de stand op dat moment 3,5 tegen 2,5 was. Het 1e en 8e bord moesten de doorslag geven en dat ging goed want zowel Wibo als Jasper gingen met de winst strijken en zo werd de eindstand 5,5 tegen 2,5 voor ons team.

Lees verder

Na twee nederlagen in de eerste twee ronden, kon Messemaker 2 in de derde ronde het eerste wedstrijdpunt van dit seizoen noteren door een 4 – 4 gelijkspel in de thuiswedstrijd tegen HWP Sas van Gent 3. Die uitslag kwam wel met enig fortuin tot stand. Aan het eerste bord overschreed de tegenstander van Leen in min of meer gelijke stelling de tijd en aan het zevende bord kreeg Leslie op de twintigste zet pardoes een stuk cadeau, waarop zijn tegenstander direct opgaf. Aan het tiende bord gaf invalster Annie gedurende lange tijd uitstekend partij tegen haar tegenstander met bijna 600 (!) punten hogere rating. Dat vergde wel veel bedenktijd en dat wreekte zich uiteindelijk. Ook Jan had een sterke tegenstander getroffen en in zijn partij bleek maar weer eens dat in zo’n geval één onnauwkeurigheid fataal kan worden. De partijen van Erich, Frans en Henk eindigden op min of meer regelmatige wijze in remise. Dit bracht de stand op 3½ – 3½. De partij van Kees tegen Etienne van Leeuwen moest de beslissing brengen. Kees had met zwart in het vroege middenspel een kwaliteit gewonnen, zonder dat wit daar enige compensatie tegenover kon stellen. De opgelopen materiële achterstand leek de witspeler echter te inspireren. Met een aantal provocerende zetten wist hij zijn resterende stukken optimaal te activeren en dreigingen tegen de zwarte koning te creëren. De activiteit van de witte stukken bleek uiteindelijk voldoende om de materiële achterstand te compenseren, waardoor ook deze laatste partij in remise eindigde.

Partijfragmenten met toelichting van de spelers


Henk de Kleijnen – Emile Cardon: ½ – ½

Slotstelling

Was ik in de eerste wedstrijd als laatste klaar, nu liet ik met wit spelend als eerste – na ruim twee uur spelen – een resultaat noteren. Ditmaal ‘slechts’ een halfje tegen een degelijke, veel bedenktijd gebruikende en voorzichtig opererende tegenstander. In het vroege middenspel behaalde ik een kleine plus in de vorm van een geïsoleerde zwarte c-pion, maar dat bleek niet voldoende om een vol punt te pakken. Ook Fritz oordeelde gunstig, maar niet meer dan 0.43. De eindstelling rechtvaardigt m.i. een puntendeling. Oordeel zelf.


André Galle – Frans Bottenberg: ½ – ½ (tussenstand: 1 – 1)

Stelling na 18.De7-b4

De laatste zet van wit 18. De7-b4 ging vergezeld van een remiseaanbod. In de veronderstelling dat de stelling in evenwicht was en dat wit vlak daarvoor een kans op voordeel had gemist, nam ik het aanbod aan. Na afloop bleken beide veronderstellingen evenwel onjuist. Zwart staat beter in de slotstelling, na een concreet vervolg 18….e5 (zwart kan ook met bijvoorbeeld 18….Da6 de dames op het bord houden) 19.Dxb6 axb6 20.Lg3 f6 heeft zwart de betere loper en de betere pionnenstructuur. Achteraf vrij eenvoudig te zien, maar tijdens de partij bleek ik niet in staat mijn winstkansen te onderkennen.


Chris Ghysels – Leslie Tjoo: 0 – 1 (2 – 1)

Stelling na de 19e zet van zwart

Met zwart offerde ik in de opening een pion voor aanvalskansen en meer activiteit. Wit verdedigde zich echter nauwkeurig en ik verzuimde de pion terug te winnen toen ik de kans daarvoor kreeg. In de diagramstelling staat wit nog steeds een pion voor en heeft zwart weinig compensatie. Na een zet als 20.Le3 heeft wit de overhand. Mijn tegenstander dacht lang na, maar speelde toen tot mijn verbazing 20.Tf1-d1??. Om na 20….De7xc5 gelijk op te geven. Hij vertelde in de gezamenlijke analyse dat bij de berekeningen van de verschillende varianten hij steeds Td1 wilde spelen, wat hij dus ook deed. Maar hij vergat om eerst 20.Le3 te doen. Soms zit het tegen, soms zit het mee zal ik maar zeggen.


Erich Karstan – Rudi Pauwels: ½ – ½ (2½ – 1½)

Stelling na de 19e zet van wit

Ik had de opening wat ongelukkig gespeeld en mijn stukken op de a-lijn maken een rare indruk. Zwart had hier van kunnen profiteren met 19….Ta8! 20.Txb5 (Gezonder is 20.Tcc1 Ta4 21.Pc3 Pxc3 22.bxc3 Tfa8 met iets beter spel voor zwart) 20….Pb6 21.Pd2 (Vooral niet 21.Tb3? Ld5 22.Ta3 Pc4) 21….Ld5 22.b3 Ta7 en wit zit in de problemen. Zwart speelde echter: 19….b5-b4?! en na: 20. Pa2-c1 Tc8-a8 21.Tc5-a5 werden alle torens via de a-lijn geruild en werd het eindspel snel remise gegeven.


Annie de Jong – Marnix van der Zalm: 0 – 1 (2½ – 2½)


Rudy van de Wynkele – Leen de Jong: 0 – 1 (3½ – 2½)

Met zwart speelde ik de gesloten Siciliaanse opening, met de witte opstelling f4 en Pc3.  Op een flankopmars is een centrumopstoot ‘in dit geval d5’ het aangewezen antwoord. Had ik het hier maar bij gelaten. Door ook nog b5 te doen, stond ik na 14 zetten slecht. Na een fout van wit kwam ik even in het voordeel, maar door 2 keer iets te overzien kwamen de vijandelijke stukken over de witte velden binnen. In het vervolg verbruikten we veel tijd. In een lastige stand voor zwart ging wit op de 35e zet door zijn tijd heen. Een gelukkige onterechte overwinning dus.


Jan Cheung – Marc Lacrosse: 0 – 1 (3½ – 3½)

Stelling na 20…a6-a5

Objectief gezien staat het gelijk. Het witte paard is ongeveer even sterk als de zwarte loper. Toch heeft zwart een klein succesje geboekt in de zin dat wit moeilijk c6-c5 kan verhinderen. Als zwart erin slaagt om c6-c5 te spelen, dan wordt de loper sterker dan het paard. 21.De3-c3 a5-a4 22.e2-e4 Dd8-b6 23.Pg2-e3 Tf8-d8 24.Ta1-c1 h7-h5 25.h2-h4 Le7-f6 26.e4-e5 Lf6-e7 Nu mist wit een belangrijke kans om het zwarte tegenspel uit te stellen door de dame op het ideale veld e4 te zetten: 27.Dd3. In de partij volgde 27.Tc1-c2 Db6-b7 28.Dc3-d3 c6-c5 29.d4-d5 c5-c4 30.Dd3-d2. Aangewezen was 30.De2 exd5 31.Df3! om het evenwicht te behouden. Nu volgde 30….Le7-c5 Het witte centrum stortte in elkaar en zwart won uiteindelijk de partij.


Etienne van Leeuwen – Kees Brinkers: ½ – ½ (4 – 4)

Stelling na 27.Pb3-d4!?

Zwart heeft een kwaliteit buitgemaakt en bij rustige voortzetting van de partij is dat waarschijnlijk wel voldoende voor de winst. Om complicaties te scheppen heeft mijn tegenstander daarom in de diagramstelling de provocerende – en objectief gezien niet de beste – zet 27.Pb3-d4!? gespeeld. Ta4 staat aangevallen en bovendien is 28.Pc6 een dreiging. Na het kalme 27….Ta6 28.Pf3 had ik het voordeel kunnen consolideren, maar ik meende een nog betere mogelijkheid te zien: 27…..De7-d7? vanuit de redenering dat wit nu gedwongen is het paard naar e2 te spelen, omdat op 28.Pf3 Txf4 volgt. Wit heeft echter veel beter, namelijk: 28.e5-e6! Er volgde 28….f7xe6 29.Pd4xe6 Het paard is taboe omdat Ta4 nog steeds hangt. Ik zag niets beters dan 29….Ta4-e4 waarop volgde 30.Pe6-g5 Te4-e8 31.f4-f5! Zwart heeft nog steeds voordeel, waarschijnlijk winnend voordeel, maar het initiatief is op wit overgegaan. In het vervolg van de partij, die nog tot de 49e zet duurde, waren er volgens de computeranalyse nog vele mogelijkheden voor mij geweest om de partij in mijn voordeel te beslissen. Die mogelijkheden bleken echter niet aan mij besteed, waaruit maar weer eens bleek dat het schaakspel eigenlijk veel te moeilijk voor mij is. De winst had ons een extra matchpunt opgeleverd. Mea culpa!

De computer geeft overigens aan dat de sterkste voortzetting voor zwart in de diagramstelling 27….cxd4! is. Na 28.Dxa4 dxc3 wint zwart met zijn verbonden vrijpionnen, bijvoorbeeld 29.Dc6 Da7+ 30.Kh1 Df2! 31.Tg1 d4 en de zwarte pionnen zijn niet te stuiten.


Uitslagen

Messemaker 1847 2 HWP Sas van Gent 3

4 – 4

1 Leen de Jong Rudy van de Wynkele

1 – 0

2 Jan Cheung Marc Lacrosse

0 – 1

3 Kees Brinkers Etienne van Leeuwen

½ – ½

4 Erich Karstan Rudi Pauwels

½ – ½

5 Frans Bottenberg André Galle

½ – ½

6 Henk de Kleijnen Emile Cardon

½ – ½

7 Leslie Tjoo Chris Ghysels

1 – 0

8 Annie de Jong Marnix van der Zalm

0 – 1